Reaguurders van Geenstijl worden ondergewaardeerd

“Iets vinden omdat het links is, is net zo dom als iets vinden omdat het rechts is. Je moet gewoon zelf nadenken.”

“Ideologie: een religie zonder opperwezen. Verder qua realisme en intellect even mank.”

Zomaar twee uitspraken van reaguurders op Geenstijl, de website van tendentieus, ongefundeerd en nodeloos kwetsend Nederland. Deze website werd jaren geleden door mij vrij schunnig gevonden. Zijn zij veranderd of ben ik het? Ik zal het wel zelf zijn. Tegenwoordig vind ik het een plezier om er te lezen, met name de reacties. Daar zitten natuurlijk nog steeds ongefundeerde en kwetsende reacties tussen, maar eigenlijk is de meerderheid gewoon van een verfrissende politieke incorrectheid. De meeste reaguurders blijken veel meer deskundigheid, kennis en politiek inzicht te hebben dan de gemiddelde Nederlander. Ook hun taalkundig vermogen is groter, met name ook het vermogen tot humoristische ironie (of is dat een pleonasme). Soms zou ik me er wel tussen willen voegen, maar eigenlijk kan ik niet tippen aan hun ironie; da’s meer iets voor mijn broer die dat vermogen dan weer wèl heeft. Maar ja, die is weer niet zo deskundig als de reaguurders op Geenstijl, uit eigen vrije wil trouwens; zijn interessen liggen net even ergens anders.

Na deze lofzang wil ik het even hebben over de bovenstaande oneliners. Die zetten me vannacht weer verder aan het denken. Ze maakten me ervan bewust dat ik me de afgelopen jaren een bepaalde kant op heb ontwikkeld. Vroegguh was ik gewoon net als alle anderen in mijn omgeving links. Tegenwoordig ben ik naar mijn gevoel nog steeds links, maar steeds meer mensen om mij heen zeggen dat ik rechts ben geworden. Sommigen durven me zelfs extreemrechts te noemen. Ik voel me dan totaal onbegrepen, want ik meen de linkse principes nog immer beter te dienen dan degenen die mij van (extreem)rechts beschuldigen. Maar ik kom langzaam toe aan het besef dat ik mezelf niet meer zomaar links mag noemen. De termen links en rechts zijn steeds minder belangrijk voor me geworden. Of juister: de linkse dan wel rechtse ideologieën doen me steeds minder. Minder in de zin dat ik steeds minder vaak de zich onvermijdelijk aan mij opdringende conclusie na een analyse ook nog even toets aan mijn linkse ideologie. Daardoor gebeurt het ook steeds minder vaak dat ik me gedwongen voel om die conclusie te laten varen als blijkt dat deze niet strookt met die linkse ideologie. En dat schept heerlijke ruimte in mijn hoofd. Het is misschien wel het ultieme vrijdenkersgevoel, het gevoel vrij van dogma van welke zijde dan ook een conclusie uit een analyse te mogen trekken.

Ben ik daarmee tegenwoordig verworden tot (niet links, niet rechts, maar) recht-door-zee? Zo voelt het toch niet. Er is nog steeds een eiking die ik toepas. Maar die eiking is gebaseerd op het volgende criterium:

Strookt het met iets waar ik ‘in principe’ vòòr ben? Zo ja, dan is het okay. Zo niet, verloochen ik zo’n principe tezeer als ik deze keer anders beslis?

Het is het toepassen van wat ik in mijn blog ‘Principieel in principe‘ al eens heb uitgelegd. Het gaat om het verschil tussen uit-principe en in-principe. Ik wil niet langer uit-principe oordelen. Mijn enige principiële standpunt is nog mijn besluit vanuit een in-principe te oordelen.

Dus in-principe ben ik tegen de doodstraf, maar ik ben niet meer zo gek om er uit-principe tegen te zijn. Het biedt mij de gelegenheid om onder omstandigheden de optie van de doodstraf te omarmen. Daardoor kan niemand me meer klemzetten op basis van mijn eigen principes. Wel zo prettig en voor het vinden van oplossingen ook heel nuttig. Een ander voorbeeld: In principe ben ik tegen wapenbezit, maar ik vind dat juweliers een wapen mogen bezitten dat zij alleen mogen toepassen bij een overval op hun zaak. Zo, daarmee is dan meteen duidelijk hoe ik aankijk tegen het besluit van het OM om de vrouw van de juwelier uit Deurne niet te vervolgen voor het doodschieten van de twee overvallers, maar wel haar man, wegens illegaal wapenbezit. Niemand die mij kan beschuldigen van het propageren van het recht van iedereen op wapenbezit. En toch een praktische oplossing voor een maatschappelijk probleem.

Benieuwd waar ik volgend jaar sta. Wie vreest dat ik dus zal radicaliseren heeft het volkomen mis. Mijn conclusies zullen vergeven blijven van de alom geroemde, weliswaar westerse, rechtvaardigheidsprincipes. Die blijf ik in principe uitdragen, maar ze gelden vooral binnen de gemeenschappen van hen die deze principes volmondig onderschrijven. Ten aanzien van gemeenschappen die er andere principes op nahouden of er een loopje mee nemen, voel ik me niet langer gebonden. Voorbeeldje? We zijn hier in Nederland allemaal gelijk voor de wet. Maar wie meent dat onze wet ondergeschikt is aan de sharia hoeft er niet langer op te rekenen dat ik zal opkomen voor gelijke behandeling. Alleen wie de voetbalregels onderschrijft mag meedoen aan de voetbalcompetitie, zo simpel is het eigenlijk.

Klinkt logisch, toch?! Vind ik wel, maar vooral linkse intellectuelen hebben daar moeite mee. Daaronder zijn ook velen die zich vrijdenker wanen. Die roepen dan Voltaire aan, die volgens sommigen ooit geroepen zou hebben: “Ik ben het niet eens met wat je zegt, maar ik zal het recht om het te zeggen tot de dood toe verdedigen.” Zij zijn zo principieel voor de vrijheid van meningsuiting dat ze die vrijheid ook bevechten voor hun vijanden-in-het-debat. Ik ben het daarmee in principe eens en dus ook bereid om het te roepen, maar niet langer dra ik merk dat het om vijanden gaat die deze vrijheid juist willen beperken tot de eigen groepering. Het in-principe standpunt stelt me daartoe in staat, terwijl vele anderen door hun uit-principe standpunt onmogelijk zover kunnen gaan. Die vrijdenkers zijn dan verstrikt geraakt in hun zelfuitgehakte doolhof van principes. Daarmee hebben deze vrijdenkers het zichzelf onmogelijk gemaakt nog langer echt vrij te denken.

Advertenties

2 thoughts on “Reaguurders van Geenstijl worden ondergewaardeerd

  1. Heel goed blog tot aan: We zijn hier in Nederland allemaal gelijk voor de wet. Maar wie meent dat onze wet ondergeschikt is aan de sharia hoeft er niet langer op te rekenen dat ik zal opkomen voor gelijke behandeling.

    Als iemand zichzelf een andere wet oplegt zonder daarmee iemand anders te benadelen wat is daar mis mee, denk ik dan. Alle godsdiensten hebben eigen wetten, het joodse, het katholieke recht, daar hoor je nooit iemand over maar in beide gevallen mag je bijvoorbeeld niet scheiden. Als je je daarbij neer wilt leggen, ga je gang. Dus waarom altijd die nadruk op sharia?

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s