Wie werkt voor twee, maakt een ander werkloos

WasvrouwDe voortschrijdende automatisering van arbeid is de vervulling van een droom van de mensheid.

Zo, die zin staat.

Maar waarom beangstigt het velen van ons dan toch zo? Simpel, omdat we er niet gelijkelijk van profiteren. En dat is echt een eufemisme, want u zou kunnen denken dat ik hier bedoel dat sommigen er meer van profiteren dan anderen, maar dat we er evengoed wel allemaal minstens iets van profiteren. De waarheid is echter dat er maar weinigen zijn die ervan profiteren en zeer velen die van de regen in de drup zijn beland of zullen gaan belanden. Immers, had je tot nu toe vervelend werk met in elk geval een redelijk arbeidsinkomen en ook een gevoel van eigenwaarde, straks heb je géén werk en dus géén arbeidsinkomen, maar wèl een bijstandsinkomentje en wèl een minderwaardigheidscomplex.

Het is allemaal het gevolg van de arbeidsmoraal die zich in de loop van de vorige eeuwen ontwikkelde. Er was door de industrialisatie opeens behoefte aan veel personeel, dus er moest gesleuteld worden aan een moraal die mensen daartoe motiveert. Daarin is men dusdanig goed geslaagd dat tegenwoordig mensen zich (althans in het begin) superschuldig voelen als ze langdurig werkloos blijven; de langdurig werkloze zoekt zeker aanvankelijk vrijwel altijd de schuld bij zichzelf. Precies die attitude bleek goud voor de ondernemers die personeel zochten.

Maar nu is het allemaal anders, want die ondernemers voelen zich zogenaamd verplicht om allerhande processen te automatiseren. Doen ze dat niet, dan doet de concurrentie het wel en zijn ze binnen een jaar failliet, zo zeggen ze. Dezelfde redenering hanteerden ze al bij het verplaatsen van simpele arbeid naar lagelonenlanden, en met succes, want we brachten er weinig tot niets tegenin. Zal het ze nu weer gaan lukken?

Waarom lukte het de afgelopen decennia inzake de verplaatsing naar lagelonenlanden en ook de reeds geautomatiseerde taken wel? Waarschijnlijk is de hoofdoorzaak dat er nog voldoende lucht in de arbeidssfeer (vergelijk: atmosfeer) was. Tot nu toe wisten we nog wel het nodige werk binnen de landsgrenzen te houden en ook was het automatiseren van moeilijker taken nog geen eitje. Maar wat nu als alle lucht eruit is en zelfs de moeilijker taken voor computers geen probleem meer zijn?

Het perspectief is een land vol nutteloze werklozen en een handvol stinkendrijke eigenaren van productie- en dienstenbedrijven die kunnen volstaan met een paar lieden die niet veel anders doen dan op wat aan-uit knoppen drukken. De droom van de mensheid blijkt in rook op te gaan.

Er moet echt een andere arbeidsmoraal worden bedacht en ook het belastingstelsel behoeft een enorme aanpassing. Wat dat betreft hoeft in elk geval de komende generatie politici zich niet arbeidsloos te wanen; er is werk aan de winkel. Hier volgt een voorzet.

Er zijn er die menen dat we handen- en hoofdarbeid met belastingmaatregelen moeten gaan belonen (minder belasting betalen) en automatisering juist moeten gaan bestraffen (meer betalen). Maar dat is eigenlijk een absurd voorstel. Immers, het zal een hindernis inhouden voor alle pogingen om verder te automatiseren. Het is alsof je tegen mensen zegt dat ze voortaan de was maar weer met de hand en het wasbord moeten gaan doen. Nee, we moeten niet het automatiseren gaan bestraffen. Sterker, we moeten het gaan belonen. De moraal moet worden dat bedrijven goed bezig zijn naarmate ze erin slagen meer en meer zònder mensen te doen.

In de ideale maatschappij zijn er nog maar nauwelijks mensen nodig voor de arbeid, maar is evengoed de productie van een dusdanig kwalitatief hoog niveau dat er gesproken mag worden van welvaart. Het komt er vervolgens op aan dat die welvaart rechtvaardig verdeeld wordt over de bevolking. Tot nu toe verdelen we op basis van arbeidsparticipatie, eigendomsrechten en ondernemersrisico. In de toekomst moeten we verdelen op basis van andere principes. Ondernemersrisico en eigendomsrecht zullen wellicht blijvertjes zijn, al moet daarbij wel worden aangetekend dat eruit voortvloeiende winst niet langer de spuigaten mag uitlopen. Niemand is van zo’n speciale klasse dat het een miljardenbezit rechtvaardigt. Hooguit kunnen zulke bedragen worden gerechtvaardigd als het om een onderneming gaat die slechts kan bestaan dankzij het achter de hand hebben van miljarden, waarbij bovendien geldt dat opsplitsing in meerdere kleinere ondernemingen geen optie is. Resteert de arbeidsparticipatie.

Wat we kunnen doen: Er zal nog heel lang een zekere behoefte aan mensenarbeid zijn, al neemt die elk jaar een beetje af. We moeten gewoon uitrekenen wat de totale behoefte aan arbeidskracht van het moment is en dat omrekenen naar een ‘plicht tot arbeid’ van een burger. (Welbeschouwd kan je ook spreken van een ‘recht op arbeid’.) Stel dat er op dat moment behoefte is aan gemiddeld 15 uur p/w arbeid per – voor arbeid in aanmerking komend – burger, dan verstrekken we ‘plicht tot arbeid’ voor 15 uur p/w. Iedereen kan ervoor kiezen die uren te gelde te maken op een speciale beurs. Binnen de beurs zijn er aparte secties op basis van professie en opleiding. Degenen die hebben doorgeleerd voor chirurg handelen in een andere sectie dan degenen die zich gespecialiseerd hebben tot vrachtwagenchauffeur. De tarieven van de uren verschillen eveneens. Wie zijn uren te gelde maakt, raakt ze kwijt aan een ander die deze uren nodig heeft om een bepaalde gewilde baan te mogen bezetten. Dus de chirurg die 25 uur wil werken zal 10 uren moeten zien bij te kopen. Het verkopen van uren kan overigens steeds alleen voor een beperkte periode gedaan worden. Er moet dus geregeld opnieuw gehandeld worden.

In dit model is de zelfstandige de zwakke schakel. Deze zou namelijk de boel kunnen bedonderen door te zeggen dat hij maar 15 uren werkt, terwijl hij in de praktijk rustig 60 uren draait zonder die 45 ‘overuren’ te verantwoorden op urenstaten. Mogelijk zullen we een opt-out systeem moeten hanteren; een systeem waarbij individuen ervoor kiezen uit het bovengeschetste model te stappen. Toch zal zo’n opt-out systeem zodanig moeten worden ingepast dat het nieuwe arbeids-ethos niet verstoord wordt.

Ziehier een nieuw spreekwoord dat het nieuwe arbeids-ethos weergeeft:

Wie werkt voor twee, maakt een ander werkloos.

Was het tot nu toe steeds zo dat arbeid zorgde voor inflatie, automatisering zou moeten zorgen voor (langzame) deflatie. Immers, de bedrijven hebben niet langer te maken met loon voor vele werknemers, daardoor zijn hun kosten gedaald en moeten de prijzen dus ook dalen. Let op, ik schreef: moeten de prijzen dalen. Ik schreef dus niet: kunnen de prijzen dalen. Bedrijven die na automatisering de prijzen niet verlagen, moeten door de overheid via het belastingstelsel aangepakt kunnen worden. Kortom, elke automatisering (dus èlke) moet verplicht tot verlaging van de prijs leiden. Waar het om gaat is dat we moeten voorkomen dat eigenaren teveel garen spinnen bij automatisering. Immers, we moeten er met zijn allen garen bij spinnen.

Nu zou je hiertegenin kunnen brengen dat ondernemers door zo’n gebod niet bepaald gestimuleerd worden om het automatiseren voort te zetten. Da’s waar, dus moet er een tweede gebod bij komen: Bedrijven die laks zijn in het automatiseren moeten eveneens via het belastingstelsel kunnen worden aangepakt.

Wie gaat bepalen of er sprake is van laksheid? Dat zien we dan wel weer. Wellicht een geautomatiseerd programma dat ik zelf nog even moet schrijven tijdens mijn pensioen.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s