Krijgen impopulaire standpunten teveel zendtijd?

lagerhuis

Het Lagerhuis bij de Vara leverde zelden een hoopgevend debat op.

Op televisie en radio is het gewoon om ‘debatten’ zo te organiseren dat er twee diametraal tegenover elkaar staande partijen staan. Vaak gaat het om twee opponenten. Het is misschien wel de meest voorkomende manier waarop die media de democratie vormgeven. Waarschijnlijk vanuit het idee dat op die manier alle standpunten bij het publiek bekend raken, zodat die een weloverwogen keuze kunnen maken. Niet dat ze menen dat er altijd slechts twee standpunten zijn, maar wel dat ze menen dat ook concurrenten zulke debatten organiseren en dat het totaal de kijkers en luisteraars voldoende inzicht geeft. Zien ze dat goed? Ik vrees van niet.

Kijkers en luisteraars luisteren niet alleen naar de argumenten. Ze toetsen ook of een standpunt populair is bij anderen. Voor die toets krijgen ze niet altijd voldoende informatie toegespeeld. Of eigenlijk, de informatie die er wel gegeven wordt is vaak ronduit misleidend. Neem twee mensen met een tegenovergesteld standpunt, nodig ze uit bij Pauw, laat ze ieder aldaar hun zegje doen en test later wat mensen ervan vonden. Dan zal blijken dat beiden een proportioneel deel van de kijkers heeft aangesproken, zelfs als een van beiden een tot dan toe volslagen impopulair of onbekend standpunt uitdroeg. De kijkers denken al snel dat beide standpunten blijkbaar belangwekkend zijn.

Hoe zou dat in vroeger tijden zijn gegaan, toen er nog geen tv en radio was? Er waren natuurlijk ook toen allerlei varianten van voorlichting en inspraak. Waarschijnlijk hadden de meesten te maken met machtige anderen die het de burgers niet eens toestonden om mee te praten. Om ze rustig te houden, werd die mensen meestal maar één ‘waarheid’ verteld. Toch zal het bij meer aardse zaken, zoals dingen die het reilen en zeilen van het eigen dorp raakten, vaak genoeg zo zijn geweest dat de bewoners in het café bij de kerk gedachten uitwisselden. Gedachten die dan populairder werden naarmate meer anderen er ook in meegingen. Populairder, omdat mensen nu eenmaal geloven dat het vast wel een goed standpunt is als veel anderen in hun omgeving erin geloven.

Er zijn zowel sociaal- als cognitiefpsychologische verklaringen voor. Wie mensen wil beïnvloeden houdt rekening met het verschijnsel. Stel dat je de support voor een standpunt dat reeds populair is verder wilt versterken, dan kan je er een standpunt tegenover stellen dat onlogisch in elkaar zit en bovendien gebracht wordt door iemand die geen verstand van – of talent voor – debatteren heeft. Of je neemt een radicale opponent die jouw doelpubliek toch niet gaat overtuigen, bijvoorbeeld omdat men over die persoon weet heeft van andere overtuigingen en gedragingen die men belachelijk vindt. Of stel je wilt een standpunt propageren dat tot nu toe gedeeld wordt door een minderheid, dan kan je al volstaan met een pleitbezorger die juist wèl weet hoe te debatteren. Alleen al door het feit dat het publiek niet of nauwelijks informatie krijgt over de mate waarin de beide standpunten populair zijn, zal het gepropageerde standpunt na het debat in populariteit zijn gestegen, zelfs als het andere standpunt goed verdedigd werd.

Het tekent allemaal de macht van de redacties van de populaire media. En wij laten dat gebeuren. Nou ja, wat zou je eraan kunnen doen…. Niet veel, vrees ik.

Er zijn wel pogingen om debatten te organiseren waar meerdere meningen een kans krijgen. Dat zijn echter nogal belachelijke gebeurtenissen gebleken. Dan denk ik aan programma’s zoals destijds Lagerhuis bij de Vara. Mensen kapten elkaar af en kregen veel te weinig minuten (het waren eerder seconden). Bovendien werden kandidaten niet willekeurig gekozen, maar 1) op basis van hun verbale vermogen en 2) op basis van de uniekheid van hun standpunt. Ofwel, er werd voor gezorgd dat de mate van populariteit van een standpunt vooral NIET tot uiting kwam in het aantal kandidaten dat het standpunt verdedigde.

De makers hadden wellicht het gevoel dat deze formule meer recht deed aan de standpunten. De kijkers zouden dan vooral gaan letten op de inhoudelijke kant van standpunten. Dit lijkt een plausibele redenering, maar er zit een gevaarlijke kant aan. Het brengt ons naar een maatschappij waar ook standpunten postvatten die in een kleine gemeenschap (zonder media) geen schijn van kans zouden maken. En die standpunten veroorzaken al snel polarisatie. Ze gaan de eensgezindheid tegen en juist die eensgezindheid zorgt binnen een gemeenschap voor vrede. Onze media ondermijnen feitelijk dat mechanisme dat vrede brengt en vasthoudt. Heet dat vooruitgang?

Wat eraan te doen? Ik vind dat onze media moeten zoeken naar manieren die de kijkers en luisteraars duidelijker maken in welke mate de standpunten populair zijn. En bovendien moeten de media zich wel drie keer bedenken voordat ze ruimte bieden aan een impopulair standpunt. Vrijheid van meningsuiting is een groot goed, maar waarom zou dat moeten worden uitgelegd als de plicht om aan werkelijk elk standpunt evenveel tijd en aandacht te besteden?

Oei, snijd ik hiermee mezelf en mijn denkgenoten in de vingers? Zou dit alles betekenen dat de media voortaan nog slechts aandacht hoeven – nee, moeten – besteden aan het volk welgezinde standpunten, waarbij het dan aan de redacties is om te bepalen welke standpunten bij het volk welgezind zijn? Mag er dan nooit meer aandacht worden besteed aan nieuwe, tot nu toe nog slechts lichtjes glorende, standpunten en dat we dus vastgebakken zitten aan alom gesteunde standpunten, zelfs als die bewezen fout in elkaar zitten? Nee, zover wil ik zeker niet gaan. Maar wel hoop ik dat onze media-redacties hierover eens een boom opzetten: Hoe laten we zien in welke mate een standpunt vooraf reeds gedeeld wordt door de mededorpsgenoten, gesteld dat Nederland eigenlijk een groot dorp is geworden?

Advertenties