Een pleidooi voor verzuiling van de PVV-aanhang

banjaert

De Banjaert was een van de NIVON-huizen. Het NIVON was overduidelijk een deel van de socialistische zuil. Ergens rond de eeuwwisseling wist het bestuur niet meer wat het aanmoest met de identiteit. Er gingen zelfs stemmen op om het islamitische allochtonen meer naar de zin te maken. Alsof het ideeëngoed er niet meer toe deed. Gelukkig sprak dat ideeëngoed de islamitische allochtonen in het geheel niet aan, dus die golf is het NIVON bespaard gebleven.

In een opinieartikel op ThePostOnline bepleit Sid Lukkassen dat het wellicht verstandig is om een nieuwe zuil te starten. Ik ben het helemaal met hem eens.

Wat bedoelt Lukkassen met een zuil? Simpel, althans voor wie de jaren 50 heeft meegemaakt. Voor de jongeren is het hooguit een term uit de schoolboekjes Hedendaagse Geschiedenis. Wellicht heeft het voor de jonge lezer zin om die schoolkennis weer even via wikipedia te verversen alvorens hier door te lezen.

Ontzuiling

Sinds de jaren 70 is Nederland behoorlijk ontzuild ten gevolge van ontkerkelijking, welvaart, jeugd die zich afzette tegen hun ouders en toename van individuele ontplooiing. Toch ging het niet helemaal vanzelf; er werd ook hard aan getrokken door de nodige verlichte geesten uit de wetenschap, culturele elite en media. Waarom? Ze achtten de verzuiling slecht voor ons land. Al die segregatie werd gezien als bron van gevaarlijk conflict, als het tegendeel van samenwerken, als polariserend. Hé, polariserend? Maar is dat niet een woord dat zo goed de hedendaagse maatschappij typeert? En dan zouden juist nu ene Lukkassen en Van Lenth terug willen keren naar de tijden van de verzuiling? Dus naar een tijd van nòg meer polarisatie? Jazeker. (Het was trouwens ook een middel dat maatschappelijke spanningen kanaliseerde en zo beperkte.)

Is een PVV’er ongeschikt voor het ambt van burgemeester?

De redenering van Lukkassen bevat een paar goede argumenten. Hij merkte dat er veel mensen zijn die menen dat een PVV’er per definitie ongeschikt is voor het ambt van burgemeester, dat PVV-politici die de politieke arena achter zich hebben gelaten niet of nauwelijks nog een baan kunnen vinden en dat openlijk toegeven PVV te hebben gestemd de carrière flink schaadt. Vervolgens vroeg hij zich af of er misschien echt reden was om geen PVV’er als burgemeester aan te stellen. Hèt door tegenstanders aangevoerde argument is dat een burgemeester boven de politieke partijen moet staan en dat zou voor een PVV’er een onmogelijkheid zijn, althans als in de gemeente van de burgemeester het gros van de mensen vooral tégen de ideeën van de PVV is.

De opstandige reactie: de strijd aangaan

Na zo’n gedachte kan je twee kanten op redeneren. De meer opstandige reactie is dat je aanvoert dat zoiets grote onzin is, omdat je dan net zo goed zou kunnen stellen dat ook PvdA-, VVD-, D66-, Groenlinks- en SP-politici ervoor ongeschikt zijn. Immers, die hebben er ook van getuigd een zekere ideologie aan te hangen waarvan een fiks deel van de onder de burgemeester vallende burgers niets moet hebben. En wat te denken van gemeenten waar tientallen procenten van de burgers op de PVV hebben gestemd? Me dunkt een aardige basis voor het ambt van burgemeester. En dan de redenering dat de burgers meer hebben aan een burgemeester die ervoor zorgt dat hun gemeente niet volloopt met legioenen ‘vluchtelingen’. Dat lijkt me een beduidend betere burgemeester dan eentje die tegen alle ‘vluchtelingen’ “welkom, welkom!” roept, als ware ze Sinterklaas en zijn Zwarte Pieten.  Idem droomt menig burger van een burgemeester die een streng beleid jegens moskeeën voert, waar de huidige burgemeester een minaret in zijn wijken roemt om de fraaie vorm. Kortom, een PVV’er als burgemeester moet kunnen, zal menigeen vinden en de strijd zou daarop gefocust kunnen zijn.

De defensieve reactie: een zuil oprichten

De andere redenering is niet op strijd gericht, maar is meer defensief van aard. Het is de stellingname dat de strijd om de emancipatie van de PVV’er voorlopig een vruchteloze zal blijken te zijn en dat PVV’ers en soortgenoten er beter aan doen zich terug te trekken in een zuil. En in die zuil gaan ze dan al die dingen doen die vroeger zo effectief gedaan werden door socialisten, communisten, katholieken, protestanten, noem maar op: Men gaat elkaar de bal toespelen. Men gaat bij elkaar kopen, met elkaar handelen, bij elkaar werken, met elkaar feesten, bij elkaar debatteren, met elkaar demonstreren, bij elkaar Sinterklaas – uiteraard mèt Zwarte Pieten – vieren en met elkaar gezinnen stichten. En wat te denken van nieuwsgaring. Een eigen krant is wel het minste. Ik zie het zelfs gebeuren dat mensen bereid zijn om te verhuizen naar plekken waar de concentratie soortgenoten hoger is. Zeker, dat laatste betekent segregatie.

Is dat allemaal erg? Dat is eigenlijk een onzinnige vraag. Mochten er mensen zijn die dat echt heel erg vinden, dan weten die mensen nu wat ze moeten doen om het te voorkomen: Zorg dat de PVV wordt beschouwd als een reguliere en legitieme politieke partij waarvoor mensen niet langer in de kast hoeven te blijven zitten. Een partij die politici oplevert voor het ambt van  burgemeester en andere maatschappelijke benoemingen in den lande. Een partij waarvan de stemmers niet met de nek worden aangekeken als ze solliciteren bij bijvoorbeeld de rechterlijke macht, de politie, het bedrijfsleven en de winkel in de buurt. Blijft het zogenaamd weldenkende deel van het volk de PVV met de nek aankijken? Mij best. Die verzuiling heeft wel wat. Nog even een naam verzinnen en we kunnen beginnen.

Wat typeert deze zuil?

Ziehier enige ideeën die, naar mijn gevoel, binnen deze zuil vrij algemeen gedeeld zullen worden:

  • We vragen TPO om ons nieuwsblad te worden.
  • Wij organiseren onze eigen bijeenkomsten.
  • Wij vinden onze vriendschappen en relaties vooral binnen de zuil.
  • We weigeren onszelf te typeren als populistisch, alleen-maar-rechts, alleen-maar-links of extreem.
  • Wij schrijven boeken en produceren films voor de eigen zuil.
  • We hechten aan de typisch Nederlandse cultuur en traditie en leggen ons niet neer bij het idee dat verandering nou eenmaal niet tegen te houden is. Kortom, we staan kritisch tegenover progressiviteit-om-de-progressiviteit, ongebreidelde globalisering en ondemocratische machtsvorming op EU-niveau.
  • Wij denken niet min over lager opgeleiden.
  • We willen dat de autochtone – dus hier geboren en getogen – bevolking bij het toekennen van werk en huisvesting vòòr gaat.
  • Wij claimen het recht om kritisch te mogen praten en schrijven over mensen en groepen vanwege hun ideeën en gedrag en wensen dan niet meteen als racist te worden bestempeld.
  • We willen slachtoffers best helpen, maar alleen als die onze ideeën over de juiste samenleving volledig met ons delen, daaraan bij kunnen dragen en voor zover die hulp onze maatschappelijke ordening niet overhoop haalt.
  • Wij menen in een ingewikkelde samenleving te leven die veel economische geluks- en werkzoekers van buiten Europa vooral ongelukkig maakt doordat zij niet vanaf hun jeugd gevormd zijn om in de westerse samenleving te leven. Wij menen deze mensen daarvoor te moeten behoeden.
  • Echte vluchtelingen zijn welkom voor zover er ruimte voor ze is, maar ze krijgen niet het Nederlanderschap en de voorzieningen zijn beperkt. Zij moeten bereid zijn terug te keren naar hun land van origine. Statenloosheid door zogenaamd verlies van paspoort is geen reden om alsnog het Nederlanderschap te verstrekken. Gezinshereniging is geen recht, hooguit een gunst. Kinderbijslag of kindertoeslag op de bijstand wordt niet gegeven.
  • We hebben zelf maar één paspoort en verlangen dat ook van anderen die graag Nederlander (met stemrecht) willen worden. Dit geldt ook voor degenen die hier al lang zijn.
  • We doen liever geen zaken meer met landgenoten die ons met de nek aankijken. In plaats daarvan doen we vooral zaken met elkaar.
  • In plaatsen waar we een fiks deel van de kiezers vormen (niet per se de meerderheid) laten we ons niet ringeloren door de landelijke en EU-politici als die vinden, of zelfs eisen, dat wij een evenredig percentage vluchtelingen moeten opnemen.

En nu nog een naam

Deze zuil zouden we zelf kunnen benoemen. Lukkassen:

Dit is een levenshouding van vrijdenken, rationalisme, geworteldheid, patriottisme, het onderhouden van cultureel erfgoed en tradities, eigenzinnigheid, een huiselijk gezinsleven en een sterk arbeidsethos.

Verder tipt hij het de Nieuwe Zuil te noemen, of de Vierde Zuil. Beide namen vind ik matig. Ze zeggen niets over de inhoud. Joost Niemöller poneert zichzelf als Nieuw Realist. Andere in aanmerking komende termen – denk aan identitair en patriottisch – doen slechts recht aan enkele facetten. Misschien is De Onverwachte Zuil iets?

Advertenties