Ongehoord: Libanon laat 130 IS-moordenaars vrij

happy journey

Foto bij het Volkskrant-artikel: Het betreft echt de bus waarmee de IS-moordenaars naar Syrië werden gebracht. Cynisme ten top: Happy Journey

Deze keer heeft de Volkskrant een goed nieuwsartikel. Het is zo geschreven dat de journalist niet makkelijk kan worden beticht van partijdigheid of een stiekeme beïnvloeding. Het gaat om het Libanese leger dat maar liefst 130 alive-and-kicking IS-strijders heeft uitgeruild tegen maar liefst 8 allang morsdode Libanese soldaten. Die 130 IS-moordenaars zijn per airco-touringcar gebracht naar een gebied in Syrië dat nog steeds door IS beheerst wordt en waar IS zich poogt te hergroeperen.

Een Libanese minister vroeg zich af of deze deal nou wel zo goed was. Uit het artikel: ‘Wat is de wijsheid van het vrijlaten van IS nu we het lot van onze soldaten kennen, vroeg de minister van informatie, Melhem Riachi, zich via twitter af. Wijsheid is hen opsluiten, berechten en vernietigen!‘ Daar stond een verklaring van een majoor-generaal lijnrecht tegenover: ‘Het terugsturen van IS-militanten in wagens met airconditioning is geoorloofd, omdat wij ons houden aan de filosofie van een staat die geen wraak zoekt‘.

En nu vraag ik mij af hoe dat nou zit in Libanon. Is de regering dan niet het hoogste gezag van dat leger? Het kan natuurlijk een incident zijn, een gevalletje eigenmachtig handelen nog voordat een minister van defensie er een stokje voor kon steken. Hoe dan ook hoort dit een grote internationale rel te worden. Immers, wat het Libanese leger hier geflikt heeft is onvoorstelbaar fout. Het  staat gelijk aan het loslaten van 130 leeuwen in het holst van de nacht op diverse plekken van diverse steden, of – nog toepasselijker – aan het moedwillig openzetten van heel wat gevangenisdeuren. Deze 130 moordenaars gaan nog heel wat nieuwe moorden plegen en de Libanese militaire top zal zonder meer medeverantwoordelijk zijn voor al die moorden.

De internationale gemeenschap heeft geen andere morele keus dan hierover zijn woede uiten. Laat niemand denken dat dit een binnenlandse aangelegenheid is waar wij ons niet mee hebben te bemoeien. Immers, de gruweldaden van IS overstijgen vele landsgrenzen.

 

 

Advertenties

Veel vluchtelingen gaan voor persoonlijk gewin

Een volk dat zwicht voor tirannen

Deze jongemannen hebben geen flauw benul van hun respectloze gedrag, vrees ik.

Vluchten, vechten of bevriezen. Alle drie zijn het mogelijke reacties op dreiging. We laten bevriezen even buiten beschouwing. Over vechters hebben velen hier in het Westen een negatieve mening, over vluchters daarentegen een positieve. Merkwaardig eigenlijk.

Over vechten denken met name de deugende mensen (ja, dit is cynisch bedoeld) dat het dan gaat om agressieve mannen met kalashnikovs. Over vluchten denken diezelfde mensen dan te maken te hebben met het weldenkende en beschaafde deel van een bevolking. Hebben ze gelijk of zijn dit vooroordelen die vooral iets zeggen over die deugende mensen zelf?

Kijken we naar Syrië, dan lijken er ook mij inderdaad nogal wat vechters die méér beogen dan Assad en zijn regime verjagen omdat die zo ontzettend onrechtvaardig zijn bevolking zou hebben onderdrukt. En kijken we naar de Syriërs die hun land willen ontvluchten, dan lijken er ook mij inderdaad nogal wat die geen andere keus ervoeren, omdat de onderdrukking van ISIS (let op, dus niet zozeer Assad!) echt tè heftig is om er als wapenloze bevolking ook maar iets tegen te kunnen doen. Toch, lijkt het zo of is het ook echt zo? Lees verder

David van Reybrouck’s kijk op het bombarderen van Islamitische Staat

David van Reybrouck is de auteur van het – door mij eerder besproken – uitstekende boekwerk Tegen verkiezingen (2014) en een van de initiatiefnemers van de G1000. Niets dan lof dus voor deze schrijver? Helaas, ik merk dat hij evengoed de Islam als bron van kwaad in bescherming neemt door aan te dringen op het kijken naar alle sociaal-economische factoren die gelden voor de moslimjongeren (in met name België). In Buitenhof van 27 maart betrok hij dat standpunt in een discussie met socioloog Willem Schinkel (zie het derde flimpje). Hij meent verder dat het niet slim is om als land (België) de IS de oorlog te verklaren en te bombarderen terwijl je in eigen land grote groepen moslimjongeren sociaal-economisch zodanig achterstelt dat dezen Lees verder

Ontwikkel wapens met een houdbaarheidsdatum en een code

Ah, onze regering wil wapens gaan leveren aan de Koerden in Noord-Irak voor de strijd tegen IS. Er schijnt zelfs een meerderheid in de Tweede Kamer voor te zijn. Ook mijn zegen heeft het. Maar hoe kijken alle mensen ertegenaan die uit principe willen dat hun bank en pensioenfonds absoluut geen aandelen heeft in de wapenindustrie? Die zeker weten dat alle brandhaarden in de wereld doelbewust worden aangestoken, of in elk geval aangewakkerd, door die wapenindustrie? Het lijkt me dat deze mensen sterk tégen die levering zijn. Maar dan hebben ze toch wel een probleem, een moreel probleem wel te verstaan, want hun vredesvoorstellen rommelen. Lees verder

Chlorophyl tegen de zwarte ratten

Er is momenteel een debatje gaande in de Volkskrant over de juiste manier van opvoeden van je kinderen. Sheila Sitalsing opende met een opiniestuk waarin ze een lans breekt voor de strenge methode waar zelfs het ‘fysiek corrigeren’ van een kind is toegestaan, uiteraard tot op zekere hoogte. Mishandeling mag het niet worden, maar een corrigerende tik is toegestaan. Het wordt door haar wel de ‘autoritaire Surinaamse opvoeding’ genoemd, waardoor die kinderen leren hoe het hoort. Daartegenover staat dan weer de Nederlandse, die zich volgens Sitalsing kenmerkt door gepraat, overleg en weke knieën, waar vooral onaangepaste, driftige narcisten van komen.

‘Opvoedplatform Kroost’ laat twee vrouwen er vandaag op reageren, journalisten Annemiek Verbeek en Gabriëlle Jurriaans. Maar ook Harvey Sandriman, Surinamer die in Amsterdam-Zuidoost met jongeren werkt, kreeg een eigen kolom. Alle drie gaan ertegenin en stellen dat de autoritaire opvoeding leidt tot kinderen die iets alleen maar doen of laten uit angst, met alle gevolgen voor later als ze volwassen zijn. Daartegenover stellen ze dat de Nederlandse opvoeding weliswaar kan leiden tot kinderen ‘die dreinen en zeuren in een restaurant’ (Sandriman), maar dat deze kinderen tenminste leren beslissingen te nemen op basis van een langzaamaan bijgebrachte moraal en niet op basis van angst niet te voldoen aan verwachtingen.

De meesten van ons weten best wel dat de juiste aanpak ergens in het midden ligt. Maar wat is dan wel het midden? In dat licht beschouwd is de volgende uitspraak van Verbeek en Jurriaans een mooie nadenker:

“Opvoeden zou … niet moeten gaan over het ‘klaarstomen voor de harde wereld’ zoals die nu is, maar over het voorbereiden op een wereld zoals we die het liefst zien. Een wereld waar macht, agressie en geweld niet thuishoren, waarin we ieders behoeften en emoties serieus nemen, zònder daarbij over onze eigen grenzen heen te walsen.”

In een ‘quote’ bij het artikel staat “Voed niet op voor de harde, maar voor de ideale wereld“. Hoewel dus niet een correcte zin uit het artikel, geeft het wel goed weer wat er wordt bedoeld door de schrijfsters. Het deed me denken aan Gustav Ichheiser, die al vòòr 1940 een succestheorie – “A Theory of Success” – ontwikkelde en ook zo zijn gedachten had over de beste manier van opvoeden. Hij onderscheidde opvoeden in een ideale omgeving, waarbij het kind bewust wordt weggehouden van de harde werkelijke wereld, van opvoeden waarbij het kind bewust geconfronteerd wordt met die harde werkelijke omgeving. Hij schetste de voor- en nadelen van beide opties en wees beide af. Wat overbleef was de tussenvorm – of een tussenvorm – en hij was zich ervan bewust dat de meeste mensen inderdaad een tussenvorm voorstaan. Maar helaas voor die mensen, ook de tussenvormen wees hij af. Een deprimerend verhaal dat hij theoretisch echter onderbouwde. Misschien lag zijn persoonlijkheid er ook aan ten grondslag; Ichheiser werd op zeker moment opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis en pleegde vele jaren later zelfs zelfmoord.

Er is nog een ander opvoedingsonderscheid dat ik hier wil noemen en ik vermoed dat er waarschijnlijk geen tussenvorm bestaat. Er zijn ouders die hun kinderen proberen te laten kijken naar mensen als ‘in principe goede mensen waarvan enkelen door oorzaken buiten henzelf om toch gekomen zijn tot slechte daden’. Daartegenover hebben we de ouders die hun kinderen vertellen dat je in de wereld nou eenmaal niet alleen maar aardige mensen hebt, maar ook slechte mensen, vijanden zogezegd. De consequentie van het ene of het andere opvoedingsverhaal is nogal verstrekkend.

Dat brengt me bij ‘Chlorophyl tegen de zwarte ratten ‘, een strip die op mij als kind een grote indruk maakte. De strip stond in de Pep en elke week raakte ik weer in de ban van dat verhaal waarin mijn held Chlorophyl het opnam tegen de zwarte ratten. Vrij recent heb ik nog geprobeerd dat gevoel wederom op te wekken, door de strip te kopen (uiteraard een echt, oud exemplaar) en opnieuw te lezen. Helaas, het lukte me niet meer om hetzelfde spanningsgevoel van toen weer te ervaren. Ik vrees dat je daarvoor echt kind moet zijn en het later in je leven wel kunt schudden.

De maker van die strip (Macherot) heeft nergens in het verhaal een ‘goede’ zwarte rat ten tonele gevoerd. Alle zwarte ratten waren even slecht. Ze leken uiterlijk ook al op elkaar. Deze en andere vergelijkbare strips vertelden mij, het kind, eigenlijk dat er in de wereld nou eenmaal ook slechteriken zijn met wie je vooral geen vriendjes moet willen worden. Chlorophyl stond niets anders te doen dan de zwarte ratten steeds te slim af te zijn en hun snode plannen te dwarsbomen. Dat deed Chlorophyl uiteraard zonder bloedvergieten. Het bloedvergieten van de zwarte ratten viel objectief bezien ook wel mee, maar wat ze deden was natuurlijk wel erg slecht, zoals je eten stelen en je vrienden vastbinden.

Ik durf te stellen dat we de mores dat er nou eenmaal slechte mensen zijn en dat we die ook rustig de vijand mogen noemen tegenwoordig harder nodig hebben dan die andere mores dat er vast wel valide redenen zijn waarom een ander zulke slechte dingen doet. Wie die tweede mores volgt, zal voorstellen iets aan die redenen te doen. Wie die eerste mores volgt doet inderdaad aan wij/zij denken, c.q. vijanddenken, maar we zijn daarmee wellicht beter af. Immers, dankzij die laatste kunnen we ons bepaalde ‘oplossingen’ veroorloven die de eerste mores als onethisch beschouwt.

Kijk ik opnieuw naar het plaatje hierboven, dan valt me op dat de zwarte ratten het zwart overeen hebben met de terroristen van IS. Maar kijk eens naar hun wapens. Daar zit niet alleen een stok bij met een gemeen scherpe spijker erin, maar er is ook een zwarte rat met een buitengewoon scherp potlood! Tekende Macherot dat zeer welbewust als metafoor voor het geschreven woord en de tekenpen als wapen? Of leek een potlood hem voor een rat wel een aardige als speer? En zie eens hoe braaf ze de aanwijzingen van hun leider volgen. Ze ontlenen ook overduidelijk een fikse identiteit aan hun groepslidmaatschap: iedere zwarte rat is nou eenmaal onontkoombaar een zwarte rat, geen twijfel over mogelijk. Chlorophyl is als de dood voor ieder van hen, trouwens net als het lieveheersbeestje. Hij hoeft dan ook niet bij iedere individuele zwarte rat na te denken of deze misschien toch een ‘goeie’ is. En zie je die onschuldige, maar wel heel grote ogen van onze held? Met die ogen doorzag Chlorophyl letterlijk en figuurlijk alles en van naïviteit kon hij dan ook niet beticht worden, in tegenstelling tot veel van zijn vrienden. Gelukkig weet hij vooralsnog aan hun zicht te ontsnappen en, maak jullie niet ongerust, hij gaat het verhaal uiteindelijk als winnaar van de strijd tussen goed en kwaad afsluiten.

Wat IS betreft ligt het voor mij duidelijk. Het vijanddenken zal ons verder brengen in het bestrijden ervan. Het is een trieste mededeling voor allen die menen ons dichter bij de ideale samenleving te kunnen brengen door te handelen – en de kinderen op te voeden – vanuit het idee dat aan alle slechte gedrag iets ten grondslag ligt waaraan we als maatschappij alles kunnen doen. Wat mij betreft zijn sommigen op zeker moment een cruciale brug overgestoken en is het daarna te laat. Daarna zijn ze toegetreden tot ‘de vijand’. En dan gelden er andere regels, punt.

In het paradijs nog wel

Zo op de valreep van het oude jaar heb ik me de afgelopen uren beziggehouden met andere zaken, zoals het maken van haringsalade voor de nieuwjaarsreceptie van de familie morgen. Toch, er spookt al de hele dag één krantenberichtje door mijn hoofd. Ik moet er alhier gewoon toch even over schrijven.

Janny Groen en Sakir Khader doen in de Volkskrant op pagina 2 verslag van hun bezoekje in Maastricht aan de vader van de 19-jarige Sultan Berzel. Deze jongen heeft zichzelf namens IS opgeblazen en daarbij veel agenten gedood. Een filmpje van IS waarin de jongen zich nader verklaart maakte nu een einde aan de onzekerheid over het lot van zijn zoon. En wat denk je dat papa zegt? Ik citeer letterlijk:

“Wat moet ik zeggen? Mijn zoon heeft al gesproken. Dank Allah, mijn zoon is nu in het paradijs.”

Walgelijk, een ander woord heb ik er niet voor. Wat gaan we met papa doen? Wat gaan we hiermee doen? Met name ben ik benieuwd naar de oplossingen van links, want die zeggen altijd dat de extreemrechtse Wilders geen oplossingen heeft. Overigens vraag ik me af of wel goede mensen nu nog wel naar het paradijs willen. Immers, je bent er je leven niet zeker nu er zo’n mafkees rondloopt. Ook vraag ik me af of hij in het paradijs wel zijn leven zeker is, want ik denk dat zijn slachtoffers er ook heen zijn gegaan en nu vast jacht op hem maken. En hoe moet dat nou met die 72 maagden, nu hij door die bom totaal uiteengereten is?

Mensen, veel plezier vanavond met al dat vuurwerk. En de beste wensen voor het nieuwe jaar. Nieuwjaar, nieuwe kansen, zullen we maar denken.

Over mijn brief in de Volkskrant van vandaag

geachte redactieVandaag sta ik in de Volkskrant in de brievenrubriek. Gisteren werd me gevraagd om akkoord te gaan met een ingekorte versie vanwege ruimtegebrek. Ik ging akkoord. Toch is er wel een gedeelte van mijn pleit verloren gegaan en daarom publiceer ik hier, waar natuurlijk nooit ruimtegebrek is, het volledige ingezonden stuk:

Pro of anti

De ombudsvrouw kreeg afgelopen zaterdag extra ruimte om het beleid van de Volkskrant inzake verslaggeving over de Gaza-oorlog uit te leggen. Ik begrijp nu dat er meer klachten en brieven tégen, dan vóór Israël binnenkwamen, maar dat beide kampen vinden dat de Volkskrant hun zijde onrecht aandoet door te kiezen voor de andere zijde. Het is een frappante situatie, zo denkt wellicht menig redactielid en lezer. Maar ik denk het wel te snappen. De feitelijke telling van de pro- en anti-artikelen en de uitleg van de ombudsvrouw, geven er blijk van dat de redactie genuanceerd wil wezen, door beide kampen het woord te geven en door vanuit beide kampen verslag te doen. Echter, beide kampen vinden die genuanceerdheid onecht en onterecht. Een analogie kan verduidelijken hoe het pro-Israël kamp dat ziet, al is de analogie niet volledig te maken. Stel je voor dat de redactie besluit om ISIS-sympathisanten de nodige opiniestukken te gunnen en om een verslaggever eropuit te sturen om ons beelden voor te schotelen van de burgerslachtoffers die Amerikaanse, Iraakse en Syrische troepen maken bij het bestrijden van ISIS. Zo’n vorm van genuanceerdheid zou – mag ik hopen – direct opvallen als belachelijk en misplaatst. Idem ziet het pro-Israël kamp alle ‘positieve’ aandacht voor de palestijnen in Gaza – c.q. Hamas – als belachelijk en misplaatst. En wellicht idem vindt het pro-palestijnen kamp de uitleg pro Israël vooral propaganda waar de Volkskrant niet zou moeten intuinen. Ergo, beide kampen zijn niet blij met het type nuance. Ik voeg me daarbij, in concreto bij het pro-Israël kamp. De stelling van dat kamp is dat Nederland zich gewoon voor de volle honderd procent en als één blok achter Israël moet blijven scharen. Die stelling kan dat kamp overigens prima onderbouwen. Dat doet het ook consequent. Het vreemde is dat steeds meer Nederlanders niet langer door hen te overtuigen blijken te zijn. Die zien tegenwoordig voornamelijk kapotgebombardeerde huizen, dode kinderen en huilende moeders getoond worden, op de voorpagina nog wel, de plek waar toch hét wereldnieuws verwacht wordt. Dat beïnvloedt hun oordeel, want wij westerlingen zijn ervan overtuigd geraakt dat elk individueel leven evenveel waard is. Zelfs mensen die altijd, wellicht vooral uit conformisme, pro-Israel waren gaan dan overstag, om maar in het reine met zichzelf te blijven, en misschien wederom uit conformisme. Nog steeds begrip opbrengen voor de argumenten die het Israëlisch handelen verklaren en rechtvaardigen vereist tegenwoordig blijkbaar meer voorstellingsvermogen dan men vroeger nodig had. De Volkskrant zou daarbij kunnen helpen, maar doet dat niet. Liever zie ik dat de Volkskrant wèl duidelijk partij kiest voor Israël en er vol voor gaat.
In dat licht beschouwd was de column van Arnon Grunberg in diezelfde editie trouwens weer buitengewoon ergerlijk, want het bestaan van de staat Israël zou vanzelfsprekend en vooral niet ter discussie staand moeten zijn. Grunberg geeft voeding aan al die mensen die zich afvragen of het conflict niet toch maar beter opgelost kan worden door de joden daar weer te laten vertrekken. Ik neem het Grunberg kwalijk dat hij zulke gedachten voedt.

Peter van Lenth
Haarlem