In Nergensland pleit Femke Halsema voor humane vluchtelingenkampen

Femke Halsema bespreekt in haar boekje Nergensland het vluchtelingenvraagstuk vanuit het linkse perspectief. In een drietal eerdere artikelen heb ik een aantal in het boekje ter sprake gekomen thema’s eruit geplukt. Nu is het hoog tijd het boekje als geheel te reviewen.

zaatari_screenMet Nergensland probeert Femke Halsema ‘nieuw licht op migratie‘ (de ondertitel) te werpen in zo’n 100 pagina’s. Jarenlang was ze voorzitter van Stichting Vluchteling en bezocht ze in die hoedanigheid menig vluchtelingenkamp, in Afrika en het Midden Oosten. Voor die stichting geldt dat het vooral aandacht vraagt voor humane opvang. Ook Halsema heeft dat als focuspunt. Toch ervoer ze bij de bezoeken altijd ook een zekere twijfel. Zo wilde ze toch wel onderscheid blijven maken tussen echte vluchtelingen en economische migranten. Met die tweede groep heeft ze beduidend minder; het gaat haar ook in dit boekje om de echte vluchteling. Die moet ècht geholpen worden, stelt ze duidelijk, en vooral moet het humaner, of eigenlijk humaan, want nu is het in die kampen ronduit Lees verder

Advertenties

De teloorgang van de Islam in de moderne tijd

Dutch MEP Geert Wilders holds press conference in London

Hoe komen deze mensen er toch toe zoiets te beweren?? Door wie zijn zij toegesproken? Wie hebben hen dit ingefluisterd?

Lang, misschien wel 25 jaar geleden, las ik ergens een stuk van een in de Islam gespecialiseerde professor uit een islamitisch land. Het kwam erop neer dat de islamitische top – denk aan ayatollah’s, islamitisch wetsgeleerden, moefti’s – had besloten dat de verdere teloorgang van de Islam in de moderne tijd hoe dan ook voorkomen moest gaan worden. Zij hadden moeten constateren dat moslims er niet in geslaagd waren te concurreren met moderne denkwijzen en dat de populariteit zienderogen was afgenomen, ook blijkend uit de snelle toename van moslims die moderne Lees verder

Nicolai Sennels: Moslims en niet-moslims verschillen te sterk

Nicolai-Sennels

Nicolai Sennels, Deens gevangenispsycholoog, hier rechts aan de telefoon.

Vandaag had ook ik een aanvaring met een drietal kutmarokkaantjes. Middenin de stad daagden ze mensen op sarcastische wijze uit met “”stemt u PVV?” om vervolgens de mensen zowiezo hatelijk te bekogelen met sneeuwballen. Niemand deed er echt iets tegen al was de ergernis van ieders gezicht af te lezen, ik wel. Ik werd vervolgens bijna in het gezicht gespuugd. Daarna nam het joch dat ik daarop aansprak de kickbokshouding aan. Maar vooral waren ze superbrutaal in hun woorden, althans gezien vanuit het westers normen- en waardenstelsel. Gelukkig kwamen net voldoende omstanders wel in net voldoende mate te hulp èn wist ik me net voldoende te beheersen, al kun je je afvragen wat beheersen zou moeten behelzen.

Mijn poging hen te laten inbinden was in elk geval gedoemd te mislukken. In vroeger tijden maakte je iets dergelijks ook wel mee bij kampers of bij jongeren uit de meest asociale buurten, maar zelfs die waren beter aanspreekbaar. De Deense psycholoog Nicolai Sennels legt al jaren vlijmscherp uit waarom zulke pogingen tot inbinden niet werken; ons normen- en waardenstelsel zit ons in de weg. Bijkomend probleem is dat ook onze wetten ons in de weg zitten; zou ik hebben gehandeld op een manier die dit drietal wèl had laten inbinden, dan had ik nu waarschijnlijk een procesverbaal aan mijn broek. Mensen die tegenover zulke jongeren staan zijn vaak niet op de hoogte van het normen- en waardenstelsel van de ettertjes en reageren daarom inadequaat met als gevolg dat er geen gewenste, of zelfs een slechte, afloop is. Mensen die dat kennen van op de TV of op Youtube lopen maar liever door alsof hun neus bloedt. En mensen die wèl weten waarvoor deze ettertjes gevoelig zijn lopen al evenzeer maar liever door, want ze willen niet dat procesverbaal aan de broek krijgen. Nou, daar zitten we dan mooi klem mee.

Ik noemde al de Deense psycholoog Nicolai Sennels. Al het volgende is uit een artikel van hem uit 2010. Sennels is gevangenispsycholoog en behandelde al zo’n 250 criminele jongeren tussen 12 en 17 jaar, waarvan 150 een islamitische achtergrond hebben. Zodoende kon hij goed genoeg vergelijken. Maar ook onderbouwde hij zijn conclusies met het nodige andere onderzoek, altijd uit onverdachte hoek. Er zitten onderzoeken bij die nog steeds in de taboesfeer zitten en waarover de media slechts zeer verhuld berichten. Dan gaat het over cijfers die je kan samenvatten als: zeer veel inteelt, veel lager IQ, veel gehandicapte kinderen, extreem grote kinderschare, zeer grote werkloosheid, extreem veel homoseks onder moslimmannen, zeer veel criminaliteit, zeer hoge schooluitval, analfabetisme, slachtofferschap koesteren, extreme external locus of control, grote onwil om te integreren, noem maar op. Maar ik wil nu even focussen op wat Sennels zegt over de aard van de verschillen tussen moslims en niet-moslims (steeds mijn vet):

De conclusie is dat er sterke psychologische verschillen zijn tussen moslims en niet-moslims. Het is ook duidelijk geworden dat de islamitische cultuur moslims op een nefaste manier beïnvloedt en het waarschijnlijker maakt dat ze crimineel en asociaal gedrag zullen vertonen, in het bijzonder jegens niet-moslims en niet-islamitische autoriteiten.

Na honderden uren therapie met zowel Deense als islamitische patiënten (en een klein percentage niet-islamitische migranten), werd het opstellen van een psychologisch profiel van de islamitische cultuur een evidentie. Om de doorgaans onsuccesvolle integratie van moslims in het Westen en de dramatische gevolgen ervan te kunnen begrijpen, is het belangrijk de psychologische verschillen tussen moslims en westerlingen te (h)erkennen.

Eerst focust Sennels zich op hoe we omgaan met boosheid.

Een van de zeer grote verschillen tussen moslims en westerlingen betreft de visie op boosheid. In onze westerse cultuur wordt woede doorgaans beschouwd als een teken van zwakte en een gebrek aan stijl en controle. Wie ooit beschaamd was na een woedeaanval tijdens een familie-etentje of op het werk, weet dat het meestal tijd en moeite kost om het verloren respect terug te winnen. Doorgaans vinden we het kinderlijk en onvolwassen als mensen bedreigingen uiten en agressief gedrag vertonen om hun ongenoegen te benadrukken en om hun zin te krijgen. Daarentegen zien we het gebruik van logische argumenten om tot een compromis te komen, het bekijken van de situatie van de andere kant, feitenkennis en de kracht om kalm te blijven, als duidelijke signalen van kracht, stabiliteit en authenticiteit.

Mijn islamitische patiënten zagen deze normale westerse sociale hulpmiddelen om te onderhandelen bij conflicten als tekenen van zwakte. Ze zagen het gebrek aan bereidheid om te bedreigen en om een fysiek gevecht aan te gaan als een teken van angst. Ik heb ontelbare uren gespendeerd aan het werken aan de problematische relatie van de gedetineerden met geweld. De meeste Deense patiënten wisten dat woede een ‘slecht gevoel’ is en dat er uiteindelijk geen excuus is om bij frustratie bedreigingen te uiten of gewelddaden te plegen. Dat maakte simpelweg deel uit van hoe ze werden opgevoed door hun ouders en van de cultuur waarin ze werden grootgebracht (hoewel ze er niet altijd in slaagden om dit in hun dagelijks leven in de praktijk te brengen).

Het beoefenen van woedebeheersingstherapie met moslims bestaat niet enkel uit het hun aan het verstand brengen van een goede levensstijl en de voordelen van het vredevol omgaan met conflicten en frustraties: de lading wordt beter gedekt door de term ‘culturele conversie’.

Het is gebleken dat het gebruik van agressie voor mijn islamitische patiënten een geaccepteerd en zelfs vaak verwacht gedrag was bij conflicten. Als een persoon niet agressief wordt wanneer hij onzeker is of wordt bekritiseerd, dan wordt dit gezien als een teken van zwakte en een gebrek aan durf om zichzelf en zijn eer te verdedigen. In de islamitische cultuur wordt verwacht dat men bereid is zijn eigen veiligheid op te offeren om iemand van de gemeenschap of de groep waartoe men behoort te beschermen. Als een lid van deze groep niet bekwaam is dit te doen, dan zullen er onmiddellijk twijfels over rijzen of die persoon wel kan worden vertrouwd als een bruikbare verdediger van de familie, etnische groep, religie, gebied, enzovoort.

Daarna focust Sennels op eer.

Nog een groot verschil tussen moslims en westerlingen betreft de visie op ‘eer’. In de westerse samenleving zien we het als een teken van sterkte, persoonlijke authenticiteit en een eervolle houding als we op een kalme manier kritiek kunnen aanvaarden. Het kunnen negeren van irrelevante kritiek, maar zeker het kunnen rekening houden met relevante kritiek, wordt gezien als een belangrijke eigenschap van een waardig en zelfbewuste persoon. Het vermogen om te denken of te zeggen: “Dat is jouw mening over mij of mijn waarden, maar ik heb mijn eigen mening en dat is alles wat voor mij telt,” is noodzakelijk in onze kritische, democratische en transparante cultuur, waar men fouten of zwakheden doorgaans niet kan verbergen achter mooie titels, hiërarchieën of op culturele gronden bedeelde rechten.

Een vijandige en bedreigende houding jegens kritiek wordt gezien als een teken van onzekerheid en een gebrek aan zelfvertrouwen. Kwaad worden of zichzelf bestempelen als een slachtoffer dat zich niet kan verdedigen wanneer er vragen worden gesteld of wanneer er kritiek wordt geleverd inzake levensstijl of waarden, is helemaal niet eerbaar, toch niet binnen de westerse cultuur.

Wat de Deense Mohammedcartoons meer dan wat dan ook aantoonden, is dat het islamitisch concept van eer helemaal aan het andere uiterste van het spectrum ligt, zeg maar: een verschil van dag en nacht. Immers, wat we in het Westen zouden categoriseren als een onzekere en kinderlijke reactie op kritiek, wordt in de islamitische wereld gezien als een faire, normale en eerbare reactie op ‘onrechtvaardige beledigingen’. Mijn ervaring met moslimjongeren is dat wat anderen over hen denken en zeggen veel voor hen betekent. De combinatie van hun sociale aanvaarding van agressief gedrag en een zeer kwetsbaar eergevoel, vormt een explosieve cocktail. De simpele en normale vraag om te integreren in onze westerse maatschappij wordt dus door heel wat moslims ervaren als een niet-welkome kritiek op hun eigen cultuur. Moslims stellen zichzelf de vraag: “Waaróm moeten we onze levensstijl veranderen om te worden geaccepteerd?” Mijn ervaring is dat de vraag om te integreren bij heel wat moslims continu een gevoel van vijandigheid jegens hun niet-islamitische omgeving voedt.

Daarna is de Locus of control aan de beurt.

Een derde psychologisch verschil gaat over de zogenaamde ‘locus of control‘, een psychologische term die beschrijft in welke mate mensen hun leven ervaren als vooral gecontroleerd door interne of externe factoren.

In westerse samenlevingen wordt verteld dat we vooral zelf verantwoordelijk zijn voor ons leven: de manier waarop we denken, de manier waarop we met emoties omgaan, onze eigen woorden, acties en keuzes, enzovoort. De combinatie ervan is bepalend voor de slaagkans van een leven dat vooral uit leuke momenten met veel voldoening bestaat. In de westerse cultuur is het de stelregel om naar onszelf te kijken als we de oorzaak of oorzaken van persoonlijke problemen willen vinden. Een groot deel van onze burgers – inclusief mezelf – leven dus van het geven van raad aan mensen over hoe ze hun leven moeten veranderen opdat ze gelukkiger worden en opdat ze vermijden om een last van hun omgeving te worden.

Als psycholoog is het vrij gemakkelijk om jonge Deense tieners in een jeugdgevangenis te behandelen. Ze zijn doorgaans opgevoed met de gedachte dat het praten over problemen voor nieuwe en betere oplossingen kan zorgen. Ze zijn grootgebracht in een cultuur die een interne locus of control behelst, en wanneer ik ze als hun therapeut vragen stel over hun eigen aandeel in hun problemen, dan kijken ze me niet aan alsof ik gek ben.

Een moslim op de fauteuil is echter helemaal anders. Wanneer men een moslim vraagt om eens te kijken naar zijn eigen interne en externe reacties om de oorzaken van zijn problemen te vinden, vindt hij dat simpelweg geen relevante vraag.

Islamitische patiënten zien de oorzaken van hun lijden vooral in externe factoren: een oneerlijke maatschappij en niet-islamitische autoriteiten zijn doorgaans de zondebokken. Ook vonden de meeste van mijn islamitische patiënten dat het niet hun verantwoordelijkheid was om in de Deense samenleving te integreren; ze verwachtten op een of andere manier dat de gemeenschap of de staat alles voor hen ging laten gebeuren. In verband met de criminele feiten waarvan ze werden beschuldigd was het bijna altijd van hetzelfde laken een pak: het was de schuld van het slachtoffer. Hij of zij had het immers ‘uitgelokt’ of had in die mate ‘verleid’ dat mijn islamitische patiënt zich ‘gedwongen’ voelde om het slachtoffer aan te vallen.

[…] Terwijl westerlingen wanneer ze in de problemen zitten de neiging hebben om zichzelf af te vragen “Wat deed ik verkeerd?”, hebben moslims de neiging om zich af te vragen: “Wie heeft me dit aangedaan?” En dus is de ontwikkeling van een slachtoffermentaliteit een ander normaal gevolg van het hebben van een externe locus of control: wanneer dingen verkeerd gaan zien ze zichzelf als slachtoffers van ongeluk, onrechtvaardigheid of simpelweg van de egoïstische handelingen van andere mensen. De typische reactie van iemand die een externe locus of control heeft is dus niet dat hij of zij zelf moet veranderen, maar dat de wereld moet veranderen.

[…] Het is daarom ook volstrekt logisch dat beroepen zoals psychologen, psychiaters en therapeuten in de islamitische wereld bijna niet bestaan; het weinige dat er is werd geïmporteerd uit het Westen en is dus niet geworteld in de eigen cultuur. Beroepen die mensen helpen om zichzelf te helpen leiden er immers toe dat individuen sterker worden, en dat soort mensen heeft geen plaats in culturen die steunen op een externe locus of control.

Ik wil jullie niet belasten met het hele artikel, alhoewel dat zeker de moeite waard is, ook voor wie benieuwd is naar goede oplossingen. Maar deze alinea over identiteit moet toch even.

Een vierde en zeer belangrijke psychologische karaktertrek gaat over de identiteit van moslims. […] Tussen mijn 150 islamitische patiënten waren er slechts een aantal die zich Deens voelden. De meesten zagen zichzelf als een Marokkaan, een Somaliër, een Pakistaan, enzovoort, wonend en levend in een ander land, in dit geval Denemarken. Bijna allemaal voelden ze zich vervreemd ten opzichte van Denen en stonden ze negatief ten opzichte van de Deense samenleving. Dit choqueerde me, omdat veel van deze patiënten reeds de tweede en zelfs derde generatie migranten waren.

Wie al het bovenstaande goed tot zich laat doordringen gaat beseffen dat het contraproductief is om moslimjongeren aan te spreken zoals we autochtone, westerse jongeren aanspreken. Ze lachen ons bij wijze van spreken alleen maar uit en we bieden ze zo de gelegenheid om aan de eigen groep te laten zien hoe goed ze zijn in het hoog houden van hun eigen normen en waarden. Rutte’s “Doe normaal of ga weg” is volkomen onbesteed aan deze jongeren, want hun normaal is een heel andere dan wat Rutte,  en Wilders en Bruma en Pechtold en Klaver en jij en ik, normaal vinden. Alle woorden die we tot deze jongeren richten in de verwachting dat ze erdoor zullen inbinden zijn eerder olie op het vuur. Door brutaal terug te antwoorden laten ze aan de erbij staande groepsgenoten zien de groepseer, de eigen identiteit en de ‘juiste’ manier van omgaan met kritiek goed te beheersen. Doen ze dat niet, dan weet de groep later wel raad met ze, en dat weten ze.

Ze hebben ook perfect in de gaten met welke antwoorden ze de kritiek te lijf kunnen gaan. Van de drie gooiden er twee sneeuwballen. De grootste en wellicht oudste deed dat niet. Wij zijn echter gewend degene aan te spreken waarvan wij vermoeden dat het de leider van de groep is, en daarom stappen we meestal op de grootste af. Wat zegt die vervolgens semi-verontwaardigd? “IK gooide geen sneeuwballen hoor.” Ook weten ze heel goed dat je als oudere in onze maatschappij niet zomaar een kind mag vastpakken, dus al raak je ze ook maar een heel klein beetje aan, al is het met slechts een vinger op een schouder, dan is er al direct de geagiteerde reactie “Blijf van me af!”. En zo hebben ze meer tactieken die maken dat je als oudere autochtoon enorm op je tellen moet passen. Dus ook al ben je als autochtonen met een enorme meerderheid (middenin de stad, middenin een winkelstraat), je doet toch maar liever niets. Daar speelt natuurlijk ook bij mee dat we zijn verworden tot een maatschappij van watjes. Deze jongeren hadden dit zeker niet moeten proberen bij de kampers en jongeren uit die meest asociale buurten uit mijn jeugd, maar ook in andere arbeidersbuurten was dit aangepakt.

We zullen serieus moeten nadenken over ons arsenaal aan tactieken voor dit soort problemen. Daarvoor hebben we echt politici, journalisten en commentatoren nodig van een geheel ander slag dan we de afgelopen veertig jaar hadden. Die waren aanvankelijk misschien okay voor een maatschappij waar allen uiteindelijk dezelfde normen en waarden onderschrijven. Maar nu we door de uitgebreide moslim-immigratie niet langer allen diezelfde normen en waarden delen, zijn we gedwongen over te gaan op een hardere aanpak die, toegegeven, minder grijstinten zal bevatten en geregeld tégen ons westers idee van beschaafdheid zal lijken in te gaan. Er zullen hardnekkig naïeve – ik vrees voornamelijk linkse – lieden zijn die zullen schande spreken bij elke maatregel die niet alleen de kwaden aanpakt, maar ook goedwillenden raakt. Natuurlijk moet er voldoende grijstint blijven bestaan, maar zo ‘genuanceerd grijs’ als het de afgelopen decennia eraan toeging zit er op een aantal terreinen voorlopig niet meer in.

Dus als ik terug naar 2% wil, dan bedoel ik deportatie? Laat je nakijken!

Het was vandaag weer hetzelfde domme gedreutel ter linkerzijde. Bernadette de Wit gaf bij het islam-debat in De Balie vanuit de zaal aan dat we zouden moeten streven naar hooguit 2% moslims en prompt zijn er mensen die stellen dat ze eigenlijk deporteren bedoelde en haar willen laten vervolgen. Schandalig, noemden ze het.

Ja mensen, het zou zeker schandalig zijn als er inderdaad was gezegd dat de moslims moeten worden gedeporteerd en dan met name naar kampen waar we dan wel weer zien hoe we verder van ze afkomen, als we maar van ze afkomen. Maar dat zei De Wit natuurlijk niet. Wat is dat toch in die koppies van die schanderoepers.

Het ging helaas niet om zomaar wat marginale extreemlinkse deugmensen. Het ging om gevestigde linkse kampen: om Joop.nl van Vara’s coryfee Fransisco van Jole (“een frontale aanval op de Grondwet en Cliteur grijpt niet in“), om de gemeenteraad van Amsterdam (“absoluut ontoelaatbaar“), om arabist Jan Jaap de Ruiter (“Het werd niet met zoveel woorden gezegd, maar eigenlijk was het een pleidooi voor deportatie.“) en om vice-premier Asscher (“Afgrijselijk. Afschuwelijk,“).

Paul Cliteur voelde zich verplicht om een open brief op TPO te plaatsen. Het is een prima verweer, maar waarschijnlijk aan dovemansoren gericht.

Misschien kan Bernadette de Wit die lui laten vervolgen wegens haatdragend uitleggen van haar woorden. Ondertussen wil ik me wel met haar solidair verklaren.

Politiek Correct Nederland lijdt aan islamofobie

Een van de columnisten bij The Post Online is Juliaan van Acker, emeritus hoogleraar aan de Radbouduniversiteit Nijmegen. Op 4 januari 2017 schreef hij:

“Niet willen zien hoe gevaarlijk de islamitische ideologie is voor de westerse beschaving is een vorm van criminele naïviteit. Of is hun houding een gevolg van verdrongen angst voor de islam? Zo ja, dan is hier sprake van een psychische stoornis.” (mijn vet)

Voor het overige is wat hij schrijft nogal onwaar. Hij stelt dat humanisten, atheïsten en agnostici alle spiritualiteit hebben verdreven en dat zonder spiritualiteit de mens de kracht van een visie mist. “Vanuit die hoek is daarom geen heil te verwachten. Alleen het christendom kan de westerse beschaving redden”, zo schrijft Van Acker. Waarom dat onwaar is:

Er zijn de afgelopen decennia evengoed voldoende christenen geweest en ook nu zijn er nog voldoende. Toch zijn dat niet bepaald de verlichte zielen geweest die ons steeds weer alarmeerden. Sterker, de meeste islamcritici komen wel degelijk uit de hoek van het atheïsme. Ik heb er ook wel een verklaring voor. Christenen hebben gedacht dat ze er beter aan deden te verklaren dat ook moslims recht hebben op godsdienstvrijheid, omdat ze daarmee de legitimiteit van de eigen godsdienst meenden veilig te stellen. Wanneer ze zouden verklaren dat de islam verboden of teruggedrongen moet worden, zouden ze voeding geven aan atheïsten die dan immers zouden zeggen dat eenzelfde verbod of terugdringing ook de christenen zelf zou moeten treffen.

Dat gezegd hebbende, de notie dat er weleens sprake zou kunnen zijn van een psychische stoornis, spreekt mij zeker aan. Niet omdat ik er plezier in schep bij mensen een psychisch tekort te mogen benoemen waar ik zelf niet aan lijd. Wel omdat ik het sterke vermoeden heb dat het echt zo is. Het gaat niet om een massa-psychose, maar om een wijdverbreide psychische stoornis. En inderdaad, denk ik, ligt eraan ten grondslag een verdrongen, maar heel diepe angst voor de islam. Het is dus een angststoornis, ook wel fobie genoemd en in feite de echte islamofobie.

Praatje in supermarktHoe ironisch dus dat juist degenen die islamcritici etiketteren als islamofoob het zèlf zijn. Terwijl de islamcritici deze angst onder ogen durven te zien, er zeer bewust uiting aan geven en zo de angst goed weten te bedwingen, zodat het niet uitgroeit tot een stoornis.

Lijdt u aan islamofobie? Doe de zelftest:

  • Weet u zeker dat het met de islam wel meevalt, omdat moslims zeggen dat het de godsdienst van de vrede is?
  • Weet u zeker dat terroristen heel kleine minderheden betreffen, omdat dit wordt gezegd door de autoriteiten?
  • Weet u zeker dat de onrust bij moslims niets met de religie te maken heeft, maar alles met hun sociaal-economische achterstelling, omdat belangrijke opiniemakers dat zeggen?
  • Weet u zeker dat de boosheid van moslims het gevolg is van ons kolonialisme, imperialisme en kapitalisme, omdat uw linkse geestverwanten dat allemaal zeggen?
  • Heeft u nog nooit een moslim in uw eigen omgeving kritisch bevraagd over dat geloof, omdat uw hart zegt dat het in wezen net zulke lieve mensen als u en ik zijn?
  • Glimlacht u naar iedere passerende, u aankijkende moslim, zogenaamd om te laten blijken dat u ze volledig accepteert, maar eigenlijk om zo eventuele moeilijkheden te voorkomen?
  • Mocht u een autoriteit zijn, benoemt u bij elke aanslag vooral niet de islam zelf?
  • Uit u zich nooit echt boos naar moslims toe, omdat je maar nooit weet?
  • Mocht u politicus zijn, durft u moslims niet aan de grens tegen te houden, zogenaamd uit principe?
  • Gunt u moslims precies dezelfde rechten (zelfs méér) als autochtonen, zogenaamd uit principe (UVRM), maar vooral om gedoe te voorkomen?
  • Werkt u volledig mee wanneer er wordt aangedrongen op subsidie en/of bouwgrond voor een moskee of islamitische school, zogenaamd uit principe (UVRM),  maar vooral om niet hun toorn op te wekken?

Ach, misschien is een zelftest net even teveel gevraagd. Zoveel zelfkennis is immers niet iedereen gegeven.

Hoezo moet Bashar Assad het veld ruimen?

Hama

Meer over deze foto onderaan het artikel.

Moet Bashar Hafiz al-Assad (hier kortweg Bashar Assad) echt weg? Bekijken we het handelen van hem en vooral zijn vader Hafiz al-Assad, de vorige president, en passen we daarop onze normen toe, dan is het antwoord al snel Ja. Immers, het Syrische leger staat niet bepaald bekend om zijn zachte, zo menselijk mogelijke aanpak. Ook afgelopen week was er weer het bericht dat in de slag om Aleppo meer dan 80 burgers waren geëxecuteerd door het leger en iets minder recent was er weer gedoe over chemische wapens. Met name de MSM komen om de haverklap met dit soort berichten. Pas later blijkt dan dat ze lang niet altijd precies kloppen, maar omdat zulke kanttekeningen minder op de voorpagina verschijnen, heeft het volk het beeld dat Assad een gore schoft van de eerste orde is. Goed, van de beschuldigingen aan zijn adres zal vast wel het nodige wèl waar zijn. Dus we mogen rustig vaststellen dat voor Bashar Assad en zijn militairen geldt dat ze verre van zachtzinnig omgaan met hun vijanden.

Toch heb ik al een aantal jaren zo mijn twijfels of dat voldoende reden is om van Bashar Assad te eisen dat hij terugtreedt. Zijn we hier in het westen wel helemaal eerlijk in ons oordeel? Doen we hem niet tekort? Gaven we ons wel voldoende rekenschap van de omstandigheden? Is zijn hardhandige of zelfs wrede optreden niet eigenlijk een vrij logisch gevolg gezien zijn wel zeer moeilijk te bestrijden vijanden? Feit is dat ook dit deel van het middenoosten een bijzondere geschiedenis heeft. Misschien moeten we nog veel verder teruggaan in de geschiedenis, maar laten we eens kijken hoe dat nou zat met het bloedbad in Hama.

In 1982 richtte het Syrische leger in de stad Hama een waar bloedbad aan, zoveel mag wel gezegd worden. Overigens lopen de schattingen over het aantal doden zeer uiteen, van 2.000 tot wel 40.000. Gedetailleerde informatie vinden we op de Engelstalige Wikipedia (de Nederlandse over Hama stelt echt helemaal niks voor). Zowel 2.000 als 40.000 zijn wellicht ingegeven door propagandistische motieven. Hoe dan ook, er zijn inderdaad velen omgekomen. In 1982 was het nog de vader van de huidige Assad en dat bloedbad kleeft om die reden deze president iets minder aan, maar ik wil er toch wat meer over vertellen, want wat dreef toch de destijdse president en zijn leger ertoe om zoveel eigen onderdanen te slachten? Het beeld dat opdoemt is een beeld dat anno 1982 alleen de zeer goed geïnformeerde en sterk betrokken lezers zich konden voorstellen: Het Syrische bewind werd geteisterd door de Moslimbroederschap en het idee was onderhand dat er met die fundamentalisten toch niet te onderhandelen viel en dat ze maar beter massaal een kopje kleiner gemaakt konden worden. Wat was de directe aanleiding?

Het waren de jaren dat in buurland Iran de revolutie Khomeini aan de macht had gebracht. In hetzelfde jaar van die revolutie (1979) vermoordde de militaire tak van de Moslimbroederschap (de Fighting Vanguard) 83 cadetten van een Syrische officieropleiding. In 1980 braken diverse opstanden en rellen uit in verschillende plaatsen in Syrië, waaronder Hama. Ook pleegde een lid van de Moslimbroederschap een aanslag op de president. Die aanslag mislukte overigens. Wel besloot het parlement van Syrië de Moslimbroederschap te verbieden. Die broeders gingen echter rustig door met het plegen van zeer bloedige aanslagen, op individuen en op groepen. Er vielen in die jaren aan regeringszijde wel 1.000 doden. In 1982 brak opnieuw een opstand van de Moslimbroederschap in Hama uit. Hama had, en heeft, de reputatie de meest conservatieve moslimstad van Syrië te zijn. Hafiz Assad besloot de Moslimbroederschap een fatale klap toe te dienen en stuurde het leger en verschillende speciale eenheden naar Hama.

De stad werd van de buitenwereld afgesloten en men probeerde de leden van de Moslimbroederschap op te pakken. De bevolking van de stad stond echter sympathiek ten opzichte van de broederschap en werkte niet mee. Het gevolg was dat het leger ook de bevolking ging zien als medeplichtig. Na de nodige beschietingen, werkte het leger huis na huis af en in de wijken waar dat te gevaarlijk voor de eigen troepen was werden bulldozers massaal ingezet. Het bloedbad betekende inderdaad (voorlopig) het einde van de Moslimbroederschap in Hama, maar ook de bevolking bloedde mee en het hoge dodental drong door tot het westen. Dat laatste is wel het opmerken waard, want er was in het westen relatief weinig bekend over de interne conflicten van Syrië. Ook over dit bloedbad waren destijds het westen lang niet alle details bekend, maar wel was er hevige verontwaardiging over het hoge dodental. Toch duurde in het westen de verontwaardiging maar kort, misschien wel omdat de nodige regeringen eigenlijk wel blij waren met het neerslaan van de broederschap. De broederschap was wel een grote, maar niet een fatale slag toegepast. Zij hergroepeerden zich later weer in Libanon.

Er is een uitgebreide lijst van bloedbaden in Syrië. Sommige van later, andere van eerder. Waar het mij nu om gaat is dat het regeringsgeweld niet zomaar opeens uit de lucht kwam vallen en ook al niet het werk was van bij voorbaat gewetenloze dictators of religieuze fanatiekelingen. Weliswaar was Hafiz Assad zelf via een militaire coup aan de macht gekomen, maar hij was niet de eerste. Sinds Syrië een officieel land werd (1947) waren er al diverse coups geweest. Wat wel opvalt is dat het ging om een seculiere groep die eerder een socialistische dan een religieuze ideologie aanhing, in tegenstelling tot het regime dat ze wipten. Het heeft er alle schijn van dat deze lieden méér westers geöriënteerd waren dan de religieuze groepen zoals de Moslimbroederschap, al waren ze wel sterk anti-imperialistisch. Hoe het ook zij, het middenoosten was allang een broeinest en is het niet pas geworden door handelen van presidenten als de Assad’s. En met onze kennis van de Islam van vandaag is onze destijdse verontwaardiging en veroordeling op zijn minst eenzijdig te noemen.

Stel je eens voor dat in ons land een groep het ene na het andere bloedbad aanricht op ministeries, op politici, op de politie, onder de burgerbevolking en op militaire academies. Gaan wij dan alleen maar aan zelfreflectie doen, zo van “Welk onrecht deden wij die mensen aan dat zij nu besloten om al die aanslagen te plegen”? Nou, heel misschien na de eerste aanslag, maar op zeker moment zal zelfs Jesse Klaver met zijn doorzeuren over empathie overstag gaan en in het parlement stemmen voor inzet van het leger én voor de zeer harde aanpak. En in het buitenland zal men dan natuurlijk over ons heenvallen en eisen dat Rutte, Wilders of Klaver meteen terugtreedt. Waarna wij zoiets zullen hebben van “waar bemoeien die lui zich mee, ze moesten eens weten…”.

Denk nou niet dat zo’n scenario bij ons niet kan plaatsvinden omdat wij al veel eerder ervoor hebben gezorgd dat onvrede geuit kan worden en zo de ergste druk van de ketel wordt gehaald. Of eigenlijk, denk dat maar wèl. Maar bedenk je dan òòk dat dit wèl vereist dat we de Islam niet verder binnenlaten in ons westerse land! Ja, zelfs terugdringen, want er is iets met die Islam dat zelfs normale mensen zomaar kan veranderen in duivels waarmee geen land meer te bezeilen is. Duivels waarmee ze in het middenoosten al heel lang opgezadeld zitten, waar ze al heel lang mee proberen te dealen en waarover velen zullen zeggen dat ze deze duivels op zijn minst levenslang willen opsluiten, maar liever nog zien omgebracht worden in de strijd.

Heb jij je al de vraag gesteld hoe het verder moet als, laten we zeggen 10.000, strijders van I.S. definitief door het Syrische leger omsingeld zijn? Vertel me jouw oplossing maar. En vertel dan ook maar meteen waarom Bashar Assad dan alsnog weg zou moeten.


Over de foto nog het volgende: Deze is afkomstig uit een artikel dat eerder verscheen in de in Londen uitgegeven Arabische krant Al-quds Al-arabi. Dat artikel begint goed. Ik citeer:

De westerse bemoeienis met de Syrische strijd heeft van meet af aan tal van vragen opgeroepen over de politieke en intellectuele vermogens van de elites en politieke leiders in het Westen.
In de eerste plaats is daar de nadruk op gevolgen in plaats van op wortels en oorzaken, waardoor de politieke blik gericht blijft op een zeer recent heden. Niet alleen ontbreekt iedere historische diepgang, ook wordt nagelaten de strijd en zijn dynamiek van alle kanten te bekijken.

Waarna de schrijver betoogt dat in Syrië de bron van alle hedendaagse terreur het Assad-regime is. De oppervlakkige lezer zal vast na lezing van zijn artikel overtuigd zijn van zijn gelijk, maar wie even doordenkt beseft dat de daden van dat regime juist weer de reactie waren op daden die daaraan vooraf gingen, zoals ik hierboven liet zien. Waarom is de schrijver daarover niet eerlijk? Hij was toch van mening dat we moeten kijken naar de wortels en oorzaken? Omdat hij partijdig is en het zijn kant van de zaak geen goed doet als hij bij het èchte begin begint. Tuurlijk kan er flink gebakkeleid worden over de vraag waar dat echte begin dan wel ligt. Maar in elk geval is het niet begonnen bij Hafiz Assad, zoveel is me nu wel duidelijk.

Ik heb welbewust een lugubere foto vol met slachtoffers geplaatst. Het is het type foto dat mensen al snel doet bedenken dat er een zeer onrechtvaardige slachting heeft plaatsgevonden. Door Jesse Klaver zo gepromote empathie beïnvloedt vervolgens hoe het bijbehorende artikel wordt gelezen. Objectief bezien had ik voor het door mij gewenste effectbejag dus een andere foto moeten nemen, maar ik wil met deze foto juist aantonen hoe normaal gesproken de samenhang tussen foto en artikel werkt.

Alarm! Er komt een verschroeide, door islamisten beheerste aarde!

SAUDI ARABIA;WOMEN;

Wie weet wordt de boerka toch nog een nuttig kledingstuk, als ook wij een woestijnklimaat hebben gekregen. (Foto betreft Saoedi-Arabië.)

Vandaag moeten we het toch eens hebben over de toekomst. Wie mij een beetje heeft gevolgd, weet dat ik als eerste prioriteit de islamgerelateerde problemen zie. Islamgerelateerd… Best goed woord trouwens, want er is niet direct mee gezegd dat de Islam zelf de oorzaak van problemen is. Sterker, de Islam zou helemaal geen probleem zijn als we zouden leven in een maatschappij die goed bestand is tegen de Islam. Zie de Islam als een virus. Ons lichaam kan aan het virus doodgaan of er doodziek of enigszins ziek van worden, maar ons immuunsysteem kan ons er ook prima van vrijwaren door het telkens wanneer het opduikt meteen op te ruimen. Of zie het desnoods als bacterie; daarvan zijn er zelfs die vooral goed zijn voor ons lichaam. Ons lichaam is dan de metafoor voor onze (westerse) maatschappij en het immuunsysteem staat dan voor ons normen- en waardenstelsel en de vertaling daarvan naar onze wetten en de manier waarop we die wetten handhaven. Ik vind dat onze maatschappij gewoon slecht reageert op de Islam; het immuunsysteem faalt vooralsnog. En net zoals we op zeker moment echt het lijf met alle mogelijke middelen moeten helpen om niet onderdoor te gaan aan het virus, zo moeten we nu als eerste prioriteit onze maatschappij versterken om te voorkomen dat het westen straks niet meer het westen is, maar slechts een buitengebied van de Islam.

Maar in alle commotie zou ik haast vergeten dat er nog een andere heel grote zorg over de toekomst is: de klimaatverandering. Okay, al is er sprake van een erg brede consensus onder klimaatwetenschappers dat we ons er echt zorgen over moeten maken, het is nog steeds niet zo dat echt iedereen daarvan overtuigd is. De klimaatsceptici (dus degenen die ontkennen dat de klimaatverandering een heel grote zorg is) zijn ook na de uitbreiding én herziening van het IPCC-rapport in 2014 nog steeds niet van de aardbodem verdwenen, als sneeuw voor de zon, zal ik maar zeggen (woordgrapje). Het rapport uit 2007 bood de nodige aanleiding om sterk te twijfelen over het wetenschappelijk gehalte (te laag) en het politiek activistisch gehalte (te hoog) van de samenstellers. De sceptici hadden de wind mee (ha, alweer een woordgrapje). Hoeveel van die sceptici bij het lezen van het 2014 rapport de handdoek in de ring gooiden, weet ik niet. Hun groep zou zelfs kunnen zijn toegenomen. In elk geval bestaat de groep nog immer en dus is de debatstorm tussen de alarmisten en de sceptici nog niet uitgewoed (ja, weer een woordgrapje, nu houd ik erover op). Vorig jaar was er een ‘Studium Generale’ van de TU Delft over het klimaat. Directeur Coen Vermeeren is waarschijnlijk toen pas toegetreden tot de groep van sceptici. Hij zei na afloop het volgende:

quoteVeel hebben we voorbij zien komen, en voor velen is het nu echt ‘vijf voor twaalf’ geweest, Maar wat mij persoonlijk is bijgebleven is de toenemend drammerige hoeveelheid negativiteit die wordt gegenereerd door de klimaatalarmisten.”

Nu is alarmisme voor mij niet bij voorbaat een negatieve kwalificatie. Sterker, ik geef toe zelf een alarmist te zijn waar het de Islam betreft. Wanneer het drammerig wordt genoemd, zegt dat waarschijnlijk wel iets over de manier waarop alarm wordt geslagen, maar zegt dat toch ook wel het nodige over de scepticus, zo vind ik.

Afijn, waar ik sta in die debatstorm? Ik wil gewoon niet het risico lopen over 10-20 jaar – al of niet reeds onder de zoden – het verwijt van mijn kleinkinderen te krijgen dat ik de ogen had gesloten en de oren had dichtgestopt bij iedere poging van ‘drammerige klimaatalarmisten’ om mij te bewegen vòòr alle benodigde milieumaatregelen te stemmen. Daarom zet ik het klimaat vooralsnog wèl op Twee. Niet op drie, maar dus ook niet op één.  Een dilemma is dat overigens wel. Immers, wat heb je aan een wereld waarin de Islam gelukkig is bedwongen, maar het milieu onleefbaar is geworden. En andersom, wat heb je aan een wereld waarvan het milieu nog net gered werd, maar iedereen onder het juk van de Islam leven moet. Antwoorden: niks en niks. Dus zit er niet veel anders op dan aan beide thema’s aandacht te besteden.

Jammer genoeg hebben de politieke partijen die het sterkste antidotum tegen de Islam in huis hebben geen oog voor de klimaatproblematiek. Dat is een ernstig gemis. Ergens snap ik hun gebrek aan focus – zeg maar: wegkijken – voor het klimaatprobleem wel. Door je niet uit te spreken over de klimaatverandering, blijf je interessant voor méér kiezers dan wanneer je je wèl erover uitspreekt, denken ze waarschijnlijk. En ik denk dat ze dat dan ten onrechte denken. Vooral hoogopgeleide jongeren maken zich nog steeds méér druk over het klimaat dan over de Islam en elke partij die er niets over wil zeggen valt voor hen al evenzeer af als de openlijk klimaatsceptische partijen. Deze jongeren hebben misschien wel zorgen over de Islam, maar hun éérste prioriteit is veelal het klimaat, niet de Islam.

Nu lijkt er een soort van positieve correlatie te zijn tussen islamkritiek en klimaatscepsis. Die kritiek en scepsis gingen en gaan vaak hand in hand. Het is best interessant om uit te zoeken hoe dat kwam, zoals hier gepoogd werd. In elk geval is het niet zo dat klimaatsceptici domme wezens zijn. Sterker, de mensen die zich wat klimaatkennis dom houden, lijken bij meerderheid op de hand van de alarmisten. Een ongelooflijk groot percentage van de klimaatwetenschappers slaat alarm en dat gegeven is voor de meesten voldoende om dan maar aan te nemen dat het alarm vast wel terecht is. Veel van de sceptici daarentegen vinden dat die alarmisten goeddeels uit linkse hoek komen en dat het gaat om mensen die willen dat overheden het heft in handen nemen en mensen gaan dwingen om alle maatregelen te nemen en te betalen. En zij menen te zien dat ditzelfde slag mensen aan het roer staat van onze huidige regeringen; de regeringen die zich te slap opstellen inzake het islamprobleem. Helemaal ongelijk hebben ze niet, althans volgens mij. Maar daarmee is nog niet gezegd dat de sceptici gelijk hebben over het onderwerp zelf. Inzake uitgerekend dit onderwerp zouden de klimaatalarmisten wèl gelijk kùnnen hebben, net zoals de islamalarmisten gelijk zouden kùnnen hebben over de Islam. Alleen echte verdieping kan duidelijk maken of het alarmslaan terecht is.

Overigens is het niet zo dat ‘klimaatverandering’ àlle milieuproblemen omvat. Dit is een belangrijke notie, want het betekent dat klimaatsceptici niet alle milieuproblematiek ontkennen. Nee, het gaat bij klimaatverandering alleen om de effecten van de globale opwarming, en op sommige plekken juist afkoeling, van de aarde. Er wordt dus niet door de scepticus ontkend dat er bijvoorbeeld luchtvervuiling bestaat. Er wordt ook niet mee gezegd dat we aan zulke luchtvervuiling niets moeten doen. En dan heb je nog de sceptici die wel erkennen dat de aarde vijf graden zal opwarmen en daardoor de zeespiegel zal stijgen, maar ontkennen dat dit erg is. Zij zeggen dat de mens prima in staat is om zich aan te passen aan zo’n klimaatverandering en zeespiegelstijging. Mensen die dicht bij zee wonen in een deltagebied, denk aan Bangla Desh, zullen gewoon meer het land in moeten trekken en anderen zullen naar koelere of warmere oorden moeten trekken. Ook wijzen zij erop dat demografische ontwikkelingen misschien wel belangrijker zijn. Tsja, en dan betreden we eigenlijk het onderwerp dat bij mij op drie staat: de toenemende overbevolking in gebieden die nu al niet eens de aanwezige bevolking aan kunnen, de toename van de welvaart in tot nu toe ‘onderontwikkelde’ gebieden, met alle gevolgen voor het milieu, en de toename van de gemiddelde leeftijd door de betere gezondheidszorg en toegenomen kennis over ziekten. Misschien moet dit onderwerp maar op Twee. Dan schuift klimaatverandering naar Drie. Zucht.

Over Maurits de Bruijn’s onterechte bedenkingen bij homo’s die rechts stemmen

gay-sex-3_660_121113024143In een eigenlijk veel te lang artikel van Maurits de Bruijn (Volkskrant, 22 oktober 2016, achter de betaalmuur) stelt Maurits dat rechts en homo’s elkaar gevonden hebben en, hoe verklaarbaar hij dat ook vindt, stelt hij de vraag hoe waarachtig de omarming is. Hij ziet bedenkelijke kantjes.

Na lezing bekruipt mij het gevoel dat Maurits beter bij zichzelf kan gaan zoeken naar bedenkelijke kantjes. Zijn zoektocht is doorspekt van dezelfde bedenkelijke redeneerwijze aangaande degenen die hij rechts noemt die heel neplinks kenmerkt. Schreef ik neplinks? Hoe durf ik! Ja, dat durf ik en ik zal proberen uit te leggen hoe dat woord moet worden begrepen (al zal menig neplinkser die uitleg niet gaan snappen).

Met de term neplinks wordt niet bedoeld dat àlle links nep is. Ware dat in mijn ogen zo, dan had ik net zo goed kunnen volstaan met ‘links’ of ‘nep links’ of ‘het hele neppe links’. Nee, ik wens een term te hebben voor zichzelf links noemende mensen die op essentiële punten helemaal niet links zijn, juist om hen te onderscheiden van echtlinkse mensen. Een betere term voor die laatsten is wellicht ‘authentiek links’, maar dat is helaas niet één woord.

Ik heb niets tegen authentiek, echtlinks. Sterker, het gros van de echtlinkse standpunten onderschrijf ik in principe, al heb ik ook menig aan rechts toegeschreven standpunt aan mijn repertoire toegevoegd en leidt dat toegepast op de praktijk nogaleens tot een mengvorm waar zowel puur-linkse als puur-rechtse mensen van opkijken. Ja, eigenlijk ben ik dus een polderaar.

Goed, voldoende uitleg hier over mijn gebruik van de term neplinks. Terug naar Maurits de Bruijn. Hij neemt waar dat “rechtse politici de homozaak tot een roze wapen in de strijd tegen moslims en immigranten reduceren” (zijn woorden) en dat diezelfde lieden verder niets doen om de rechten van homo’s verder te verbeteren. Dus enerzijds worden zij wel gebruikt als stok om de moslims mee te slaan, want die gooien homo’s zelfs van gebouwen af, maar anderzijds zouden zij het liefst zien dat bijvoorbeeld het recht op een homohuwelijk wordt teruggedraaid. Maurits vindt dat bedenkelijk.

Wat Maurits dus niet ziet, is dat zelfs zij die fel tegen zoiets als het homohuwelijk zijn het opnemen voor homo’s vanuit het idee dat het niet aan de Islam is om ons hier in het westen te vertellen wat we van homofilie moeten vinden en dat we al helemaal vinden dat moslims met hun poten van onze homo’s moeten afblijven. Aan die houding lijkt mij eigenlijk helemaal niks ‘bedenkelijk’. Het is juist mooi dat ook bijv. ‘homohuwelijk’ tegenstanders het op die punten voor de homobeweging opnemen. Wees er juist blij mee, zou ik zeggen.

Frappant genoeg vindt Maurits het dan weer niet bedenkelijk dat zijn links (wat ik dus neplinks noem) het wel voor het homohuwelijk opneemt, maar tegelijkertijd de moslims en de Islam vergoelijkend in bescherming neemt. Wat heb je aan voorstanders van een homohuwelijk als diezelfde mensen tolerant blijven staan jegens lieden die homofilie helemaal willen verbieden en, nog erger, volhardende homo’s zelfs helemaal dood willen? Aan zulke voorstanders heeft de homobeweging helemaal niks, althans in dit tijdsgewricht. First things first, zou ik zeggen. Eerst het gevaar van de Islam indammen en ondertussen je al bereikte zegeningen tellen. Gelukkig ziet 20-25 procent van de homo’s dat ook in; die kiezen voor wat Maurits rechts noemt. Misschien niet hun ideale vertegenwoordiging, maar wel heel verstandig.

Hillary: “Ik ben de laatste tussen jullie en de apocalyps”

Ongepolijste Trump

Trump – Ongepolijst, ongemanierd, het zal wel. Zou jij kans hebben gemaakt als presidentskandidaat, gezien de absurde normen van de Amerikaanse media?

Vandaag in de Volkskrant een vertaling van het artikel van Mark Leibovich met Hillary Clinton voor de New York Times. Het wordt gebracht als een ‘in gesprek’, maar het is verre van een interview, gezien de weinige quotes van Hillary en de vele volzinnen van Leibovich zelf. Het is een slap, maar tekenend artikel dat eigenlijk maar één doel dient: propaganda voor deze presidentskandidate. Na lezing moest ik constateren dat hèt onderwerp dat ook in de VS een enorme kloof heeft veroorzaakt niet genoemd wordt. Haar slogan is ‘Stronger Together’. Nou, dan moet je vooral zo doorgaan, maar niet heus. Vier jaar geleden meenden in ons land de PvdA en VVD bruggen te gaan slaan. Het zijn natuurlijk valse leuzen als je je tegelijkertijd zo fel afzet tegen de lezing van je politieke tegenstanders van het wereldgebeuren.

Het artikel eindigt met haar al vaker gedane uitspraak: “Ik ben de laatste tussen jullie en de apocalyps”. Voor degenen die niet weten wat ze daarmee bedoelt: Zij denkt dat Trump’s campagne is gestoeld op bangmakerij voor de apocalyps en laat met die woorden blijken dat de stemmers vooral haar moet kiezen, zodat Trump niet zijn in haar ogen desastreuze kijk op de wereld kan vertalen in presidentieel beleid. Dat is toch wel een merkwaardige redenering van haar, zo niet een flinke denkfout.

Ten eerste, nergens heeft Trump ooit het woord apocalyps gebruikt. Ten tweede, juist hij zou er als president voor zorgen dat de hedendaagse heftige conflicten niet maar blijven voortsudderen door eindelijk fundamentele maatregelen te gaan nemen.Het gaat natuurijk om de clash tussen het Westen en de Islam, een waarheid die Hillary en de haren tot op de dag van vandaag niet uit hun mond kunnen krijgen. Nee, er moet vooral met gezalfde woorden over die religie worden gesproken, want anders loopt het echt uit de hand, zo menen Hillary en met haar al die andere ‘gematigden’, ook hier in ons land. Wie daarover even doordenkt, zou toch moeten bedenken dat er eigenlijk een enorme angst uit spreekt. Waarschijnlijk kennen deze ‘gematigden’ veel meer angst voor de Islam dan de openlijke islamcritici. Wellicht is dat ook de reden dat juist deze ‘gematigden’ telkens weer roepen dat die critici angst zaaien; het komt dan weer keihard bij henzelf binnen.

Probleem is dat deze ‘gematigden’ juist door die afweerreactie totaal ongeschikt zijn om de werkelijke problemen tussen het Westen en de Islam aan te pakken. Voor de stemmers in de VS zal de keus bij de verkiezingen heel simpel zijn: Of je kiest voor de wegkijkende politiek van de oude stempel en de echte problemen worden alleen maar nog groter, of je kiest toch voor de ongepolijste Donald Trump in de hoop dat hij na vier jaar een veel betere president blijkt te zijn geweest dan voorspeld werd, vooral omdat hij inderdaad de echte problemen met echte oplossingen te lijf ging.

Uiteraard kan een PVV’er een goed schoolhoofd zijn

Stemming schoolhoofdIn de Volkskrant van woensdag 31 augustus stond een reactie van ene Onno Bosma op het interview met Jan Gouw van eerder deze week. Daarop heb ik gereageerd en die mail werd vanochtend gepubliceerd in de brievenrubriek. Weliswaar in gewijzigde vorm, maar dat was omdat het origineel naar de mening van de redactie te lang was. De essentie was door de inkorting niet aangetast. Hieronder staat het origineel.

Er is trouwens ook een discussieruimte door de Volkskrant ingericht waar zelfs gestemd kan worden, merk ik zojuist. Klik hier om daarnaartoe te gaan! Er zijn daar om 15:30 uur al 18 reacties en 1200 stemmers.

Dan nu het, op één puntje verduidelijkte, origineel:


Onno Bosma deelt de woede van Gouw, maar is van mening dat een PVV-stemmer inderdaad geen schoolhoofd kan zijn. Idee daarachter is dat iemand die redeneert als een PVV’er niet kan functioneren zoals van een schoolhoofd wordt verwacht. Daarmee verwoordt hij vast heel goed hoe er wordt geredeneerd door bestuursleden en personeelsfunctionarissen van scholen. Die zullen ook vast idem oordelen over het hele lerarencorps of eigenlijk over de hele school. Hooguit de schoonmaker zal buiten dit informele en verholen beroepsverbod vallen, vermoed ik. Dat dit leidt tot een eenzijdige afspiegeling van de maatschappij vinden zij geen probleem, integendeel. Hetzelfde mechanisme vinden we vast en zeker binnen allerlei andere instituties, waarvan de rechterlijke macht het meest in het oog springt. In die sector moet men er niet aan denken dat een PVV-stemmer als rechter fungeert. Nee, daar is het ideaalplaatje eigenlijk de mens die denkt als een D66’er.

Een en ander is gebaseerd op de angst dat de, hoger-opgeleide, PVV-stemmer een racist is en ook nog eens een eigengereid figuur die niet in staat is pragmatisch om te gaan met de eigen idealen bij het volgen van de huidige wet. Eenzelfde soort angst is er blijkbaar niet jegens een SP-stemmer. Die zou immers het liefst morgen nog de socialistische heilstaat willen uitroepen, althans als je zo iemand vanuit vooroordeel, en karikaturaal, beschrijft. Zodoende kan een SP-stemmer wellicht nog net, al is men eigenlijk op zoek naar de mensen met dat D66-profiel, want die sluiten het beste aan bij hoe onze staat reeds is ingericht, is de impliciete gedachte. Dit alles leidt tot inteelt en dus tot versterking van het heersende profiel. Dat is geen beste zaak in een tijd die ontelbare signalen vertoont die door deze heersende klasse maar amper worden aangevoeld. Degenen die deze signalen wel sterk aanvoelen dringen niet door tot die heersende klasse en ergeren zich aan dat machtsconglomeraat. Die ergernis is wat mij betreft volkomen terecht. Ook beschouw ik die angst voor het PVV-denken als onterecht. Kritiek op de Islam is geen racisme, al wordt dat willens en wetens, en kwaadaardig, als zodanig uitgelegd. Dat ze uit eigengereidheid niet in staat zijn tot pragmatisch omgaan met de wet, durf ik ook te weerspreken. Geen PVV’er zou als schoolhoofd de moslimkinderen van school jagen. Wel zou elke maatregel worden tegengehouden of teruggeschroefd die wordt beschouwd als toegeven aan de eisen van de moslimouders. En hij/zij zou het lerarencorps steunen met maatregelen (uiteraard binnen de wet) als deze islamgerelateerde omgangsproblemen signaleert. In de huidige praktijk krijgt dat corps veelal de kous op de kop en moet het maar zien hoe het met die, ernstige, problemen omgaat. Dan moeten er dingen worden getolereerd die men bij eigen kinderen nooit zou tolereren.