De kerstrede – Over polariseren gesproken…

Hèt nieuws van de dag is wellicht dat Wilders zijn beklag heeft gedaan over de kerstrede van onze koningin en dat niet alleen Balkenende, maar ook veel andere kamerleden zich vierkant achter de rede, en dus vierkant tégen Wilders verwijt, hebben opgesteld.

Balkenende heeft laten weten volledig achter de woorden van de koningin te staan. Zo, da’s niet mis te verstaan. Hij heeft blijkbaar geen enkele behoefte op punten een eigen en ervan afwijkende positie in te nemen. Wellicht is dit logisch. Immers, hoewel de koningin de kerstrede zelf schrijft (of laat schrijven door een eigen ghostwriter) is er wel ministeriële toestemming nodig om de rede te mogen uitspreken. Er is dus vooraf overleg geweest en de minister-president heeft in dat stadium al vast en zeker zijn kanttekeningen erdoorheen weten te drukken. We mogen ook daarom best concluderen dat het òòk een kerstrede – een standpuntbepaling – van de regering is.

Maar hoe zit het met de diverse kamerleden? Van sommigen van hen – denk met name aan de oppositie – mag je toch wel een onafhankelijke kritiek verwachten? Gaven ze die? Uit de Volkskrant van vandaag maak ik op dat in elk geval de regeringspartijen, maar ook D66 en de SP geen enkele aanstoot aan welke passage uit de kerstrede dan ook nemen. Hebben ze gelijk?

Gisteren schreef ikzelf op mijn weblog (zie hier):

De meeste mensen zullen [de kerstrede] snel doorlezen en er geen enkele ‘moeite’ mee hebben. […] Een geruststellend saai stuk dus? Misschien, maar tòch heb ik kritiek.
Ik raakte op mijn qui-vive door de volgende regels uit de kerstrede: “Grofheid in woord en daad tast de verdraagzaamheid aan. Discussies ontaarden in verharde verhoudingen. In zo’n sfeer worden mensen al snel als groep over één kam geschoren en worden vooroordelen als waarheid aangenomen.”

Vervolgens was mijn kritiek dat de koningin het bepaalde mensen aanrekent te generaliseren, maar dat ze daarmee zelf ook generaliseert én dat ze bovendien partij blijkt te kiezen. Mag ik nu, een dag later, concluderen dat àl onze volksvertegenwoordigers, behoudens de PVV, die manier van lezen en interpreteren niet hanteren?

– Tweede Kamerlid Liesbeth Spies van het CDA: ‘De koningin heeft waardevolle dingen gezegd. Het is buitengewoon moeilijk voorstelbaar dat iemand daar aanstoot aan neemt. Dat hij het persoonlijk opneemt, zegt vooral iets over de heer Wilders zelf’.

– Alexander Pechtold van D66: ‘Ik ga niet serieus in op een vent die commentaar heeft op de kerstboodschap van de koningin en die de Grondwet met een motie wil wijzigen’.

– Spies van het CDA: ‘Als je als staatshoofd niet meer mag oproepen tot vrede en verdraagzaamheid, dan ben je ver van huis’.

– Mariëtte Hamer van de PvdA kan ‘geen verwijzing naar hem als persoon vinden’.

– Ook de SP, toch in principe tegen de monarchie, neemt het in deze zaak niet op voor Wilders.

Uit sommige van de kritieken klinkt wat ook een ander op mijn blog bij de Volkskrant van gister al verwoordde: Wie de schoen past, trekke hem aan. Als Wilders zich aangesproken voelt, dan zal de schoen wel passen, dan zal de kritiek wel terecht zijn.

Ik vind zo’n reactie heel vaak onterecht en zelfs bedenkelijk. Zo’n reactie steekt en irriteert. Reken maar dat Wilders zich compleet onbegrepen voelt door mensen die zo reageren. Reken maar dat het vertrouwen van Wilders in zijn medekamerleden alleen maar verder afneemt als die massaal te kennen blijven geven werkelijk geen enkel probleem te hebben met hoe zaken in de kerstrede zijn geformuleerd. Zijn achting voor hen zal alleen maar verder dalen en de polarisatie zal erdoor toenemen. En ik snap dat prima.

De vraag is nu: Wie polariseert? Is dat Wilders? Of zijn dat de politici die, om wat voor reden ook, besluiten de klacht en de klager belachelijk te maken?!

Advertenties

Onze koningin generaliseert

De kerstrede 2007 van onze koningin is wederom een fraai staaltje van weloverwogen en compleet uitonderhandelde woorden. Niks mis mee, zo op het eerste gezicht. De meeste mensen zullen het snel doorlezen en er geen enkele ‘moeite’ mee hebben. Ook is het waarschijnlijk dat groepen mensen her en der woorden zullen lezen die hen het geruststellende gevoel geven te zijn gehoord en begrepen door onze koningin, dan wel door onze regering. Een geruststellend saai stuk dus? Misschien, maar tòch heb ik kritiek.

Ik raakte op mijn qui-vive door de volgende regels uit de kerstrede: “Grofheid in woord en daad tast de verdraagzaamheid aan. Discussies ontaarden in verharde verhoudingen. In zo’n sfeer worden mensen al snel als groep over één kam geschoren en worden vooroordelen als waarheid aangenomen.”

De koningin heeft het hier over ‘over één kam scheren’, dus over generaliseren. Da’s mooi, zou je kunnen zeggen, maar doet ze er zelf nu niet net zo hard aan mee? Doet ze het nu niet voorkomen alsof er in Nederland massaal gegeneraliseerd wordt? Of anders, dat er in Nederland door de nodige individuen en groepen gegeneraliseerd wordt? Ze noemt weliswaar geen namen, maar namen zijn wel door anderen eerder genoemd en wie de kerstrede leest zal vast en zeker direct die namen erbij bedenken. En dàt moet de schrijver/schrijfster beoogd hebben. Dat is zeker weten overwogen door en uitonderhandeld met de regering.

Zo bezien is de rede toch weer een poging om politieke tegenstanders van de huidige regering effectief neer te sabelen zonder man en paard te hoeven noemen. Allen die het hebben aangedurfd om omwille van een duidelijk debat enigszins te generaliseren – enigszins, want desgevraagd geven allen altijd aan dat er nuances zijn – worden hier van tafel geveegd ten faveure van de polderaars, van degenen die willen pappen-en-nathouden, van de multi-culturalisten. Lees de hele kerstrede eens in dat licht en je snapt wellicht beter wat ik bedoel.