Google Glass stopt. Mooi zo! Toch?

Google-Glass-Ideas.0081

Merk op hoe er is gezocht naar positieve toepassingen van gezichtsherkenning, zo de negatieve toepassingen bagatelliserend.

Nog geen twee maanden geleden waren er problemen bij Google en daarover schreef ik: “Ha, fijn, mooi zo!”. Het ging over problemen met Google Glass (GG). Vandaag maakte Google bekend te stoppen met GG en wederom denk ik: “Ha, fijn, mooi zo!”. Of zit het toch net even iets anders?

Hoe dan ook, de bril is niet langer te koop via Google. En het ondersteunende programma is stopgezet. Maar komt er misschien iets anders voor in de plaats? Google zelf beweert van wel. Laten we het GG 2.0 noemen. In een wel heel kort statement wordt gesteld dat het huidige programma wordt stopgezet omdat het een aparte afdeling gaat worden. Ook wordt gesteld dat we allen nog maar even moeten wachten wat die nieuwe afdeling gaat doen. Er worden geen hints gegeven, geen tijdpaden, geen andere details. Nou ja, ik nam er uiteindelijk toch eentje waar:

“Glass at Work has been growing and we’re seeing incredible developments with Glass in the workplace.”

Ofwel, ik vermoed dat men bij Google wèl potentie ziet als bril binnen bedrijfssettings, niet bij de particulier. Wat mij betreft is dat een pad dat mijn zegen heeft. Dan zie ik voor mij de chirurg die de bril gebruikt tijdens de operatie of de manager die de bril gebruikt bij zijn powerpointpresentatie. Weet je wat, voor mijn part doet een particulier de bril op in het eigen huis, terwijl er geen bezoek is. Ook dat type gebruik zie ik niet als flagrante schending van het recht op privacy. Mij gaat het om het verbieden in de openbare ruimte, waarbij openbaar ruim geïnterpreteerd moet worden. Dus niet alleen de stationshal is dan openbaar, maar ook de voetbalkantine.

Degenen die onder het bericht van Google reageerden zijn opvallend massaal aanbidders van GG. Wellicht gaat het hier om de bezitters van GG 1.0. Ik heb al eerder gesteld dat de nadelen niet gelden voor de drager, maar voor de geobserveerden. Dat verklaart wellicht het hoge hallelujagehalte in die reactieruimte, al maakt menigeen zich er zorgen over de eigen investeringen. Men hoopt er maar op dat ze bij versie 2.0 een voordeeltje aangeboden gaan krijgen.

Er is echter één reageerder die in dat hol van de leeuw wèl kritisch durft te schrijven. Zeev Kirsh schrijft:

“Instead of honestly assessing failure and using the lessons to develop strength, google is going the route of saving face. I know google has tango chip and other genuinely respectable projects in the pipeline, but groupthink and exec face saving and wasting money without fessing up to mistakes is a sure sign that google has become institutionalized, less willing to learn from no less admit to making mistakes,  and will face the same managerial problems massive fossilized institutions do; namely denial and waste. but heey, they can afford to lose 500 million so who cares right? […] I know some people will disagree for reasons of believing google can do no wrong. but i know from speaking with others , they would disagree because they are even MORE bearish [than me] on google, believing they will follow the death path of companies like apple. or at least, that they hate their google glass, and sold it or stopped using it. […] Congratulations upon “graduating” google glass. Mission Accomplished!”

Zijn verhaal komt erop neer dat het in feite gaat om een project dat gefaald heeft, maar dat de managers/eigenaren van Google hun gezicht proberen te redden door net te doen alsof het nu naar het volgende ‘niveau’ getild wordt. Ik ga ervoor duimendraaien dat Zeev gelijk heeft. Toch dek ik me in. Vandaar dat de titel van dit blog eindigt met “Toch?”.

Als uitsmijtertje wil ik nog wijzen op dat ene woordje in Zeev’s pleit: Groupthink.

Advertenties

Google Glass heeft problemen. Mooi zo!

Soms lees je over problemen en dan denk je “Ha, fijn, mooi zo!”. Vandaag was het weer eens zover: Het zit Google tegen wat betreft zijn Google Glass project. Google heeft een aantal winkels die Google Glass kopers moeten ondersteunen. Die winkels nemen ‘voorlopig’ geen nieuwe afspraken meer aan. Dat wordt gezien als een signaal dat er met de verkoop iets niet helemaal ideaal verloopt. Google heeft ook wel reeds toegegeven dat het grote publiek er minder warm voor loopt dan het van tevoren had ingeschat. Mooi zo. Maar wat me nog het meeste goed doet is dat er bij Google intern ruzie over is. Echt heerlijk om te lezen. Toegegeven, ik weet nog niet of dat van die interne ruzie klopt en waar de ruzie inhoudelijk over gaat. Maar gun me voor minstens even de hoop dat er daar eindelijk een paar nerds de vinger hebben durven opsteken en beschroomd hun twijfel over de privacy-aspecten hebben geuit. Waarna de grote bazen natuurlijk heel erg boos werden, wat die nerds dan uiteindelijk toch wel kwetsend vonden en hen deed besluiten de hakken nu maar eens in het zand te zetten. Je mag dan wel tot de uitverkorenen der aarde behoren als je bij Google werkt, daarmee verkoop je natuurlijk niet je hele ziel aan Brin en Page, de eigenaren die tezamen goed zijn voor zo’n 66 miljard dollars. Ik verklaar me ook direct solidair met de interne opstandigen, mijn nieuwe helden.

Het zit Google niet alleen tegen wat betreft de wil van het grote publiek, er zijn ook al de nodige acties ondernomen om GG (Google Glass) onder omstandigheden te verbieden of tegen te werken:

  1. De EC van de EU ligt dwars.
  2. De meeste bioscopen in de V.S. en veel andere landen hebben GG verboden.
  3. Twitter heeft zijn App voor GG teruggetrokken.
  4. Menig restaurant wil geen GG toestaan.
  5. Developers zijn niet meer massaal geïnteresseerd in het ontwikkelen van GG-apps.

Bij Google denkt de top nog steeds dat het allemaal een kwestie is van even wennen aan de nieuwe realiteit. Dezelfde ‘resistence to change‘ hebben we immers in het verleden ook gezien bij de introductie van – laten we eens wat noemen – de stoomtrein. Wat mij betreft kan er niet genoeg verzet zijn.

Will Sergey Brin accept the challenge to be observed through Google Glass?

This is my best-effort translation of my Dutch blog Gaat Sergey Brin de uitdaging aan zich via Google Glass te laten observeren?

Sergey Brin and Larry Page are the founders of Google. This omnipresent company was founded only 15 years ago and nowadays has over 30.000 employees. Each founder currently owns over 20 billion dollars and this amount will grow with another 4 billion the year to come, although it won’t be entirely cash money. Anyway, they can be regarded as part of a very select group that became extremely rich and powerful thanks to the ICT. It was a combination of factors that made them so wealthy. At the right moment they got the right education at the right top university, where they did the right research. But also they appeared to be the geniuses who kept their most important inventions more or less secret and they had the guts to start their own little company at exactly the right moment. The ‘Internet’ was rapidly growing and there was an urging need for algorithms to search in huge databases. The traditional search algorithms were not powerful enough. Brin and Page had elaborated on certain algorithms that had been developed at the Stanford University by others and they appreciated their potential power and started their little company. It became a huge success. What struck many people was that these two boys showed to have an ethically sound view about what they were doing. They stuck to ethical principles and this was very much to their own benefit. If they had shown disrespect to moral standards – esp. about privacy – and merely stuck to commercial principles, it is almost certain that their company (Google) would have failed, no matter the quality of their algorithms. Internet users have always evaluated the ethical principles of Google in their decision to use Google. And this surely was the case when others tried to penetrate that entirely new market.

In other words, the ethical principles of Brin and Page are okay. Or aren’t they anymore? What did 15 years of ever increasing success do to them, since they are part of that select group of extremely rich and influential people? These days they are the employer of a whole army of geniuses who work for them – money is not the problem – on projects that others only dream of. Sometimes ideas that stem from science fiction become reality in their laboratories.

I get the impression they are no longer entirely in contact with how real life is for most of us. I do understand and accept that our ethics require a little shift time and a while, in order to enable us to implement real improvements. However, I get the impression that Brin and Page are currently fooling themselves and us here. To be specific, I’m now talking about their newest toy, Google Glass. This toy is a pair of glasses that combines a camera and a projector and that is wirelessly connected to the servers of Google. The possibilities seem almost limitless. Although many of the possibilities are already realized since the introduction of the advanced smartphone, Google Glass will add an extra dimension. Regular smartphones, cameras, microphones and video recorders still require you to aim them at the target. Having those devices integrated  in your glasses enables you to aim them far less obtrusive. This will enable the wearer to intrude into our private life much easier than we are already kind of used to. Our privacy is again under scrutiny. Some try to convince us that we must change our concept of privacy, in order to get full advantage of current and future technological developments. They argue that we must accept and – even better – appreciate that certain personal details that we always felt to be private will be totally public in the future. In my opinion this is a cynical, or at least undemocratic, point of view. Isn’t this something that we at least all should vote on?! Or do we no longer have an option simply because new technological possibilities rule what’s still private and what’s no longer? If that’s the case, then we may as well get rid of all philosophers, ethicists and politicians, and even of democracy. My point of view is that from now on all new technological possibilities should be evaluated beforehand with regard to their consequences. Let’s try to make laws in time; don’t wait with closing the door after the horse has bolted. The high speed of modern life developments demands that we make laws in time and proactive, also because it is oftentimes quite impossible to reverse the effects.

Especially Sergey Brin, being the ‘lead inventor’ of many special Google projects – Google Glass being one of them – has introduced himself as the major advocate of Glass. Google has offered the device, available later this year, for 1.500 dollars to 8000 gadget lovers. Brin himself has worn the device in the New York metro. At conferences he tells the public that he had to get used to wearing the device, but that he liked it more and more. He even told them that he now thinks that staring at your smartphone is actually antisocial behavior (“You’re actually socially isolating yourself with your phone”) and he even suspects that it’s “emasculating”. And that you will get back the manly experience when using Google Glass. I wonder, what does this tell us about his mindset …

Okay, let’s assume, or admit, that the device offers an advantage to the wearer (for now neglecting certain security issues that might pose a problem to the wearer too). But did Brin spend enough attention to the issue of the privacy impact on those who are the target of the wearer? Let’s test this …

Mister Brin, I propose you do another experiment, but this time you will be the target of the Google Glass wearers. To be specific, you will be surrounded by several wearers, all being unknown to you, and all observing you. The experiment will last for at least one whole week and will not be limited to a single spot or hour of the day. Moreover, all data that the devices collect must be stored on the internet and be easily available to us all. This is the challenge I hope you will accept. Regards.

And until the moment that we all have been able to vote about Google Glass in our parliaments: Personally I tend to sympathize with anyone who wants to tear off the device and pulverize it on the ground. Yes, I know, this is a far more drastic approach than what the Stop the Cyborg organisation asks us to do. They ask us, actually quite decent, to wear a t-shirt with an overprint of a prohibitory sign.

Remark on the clip hereunder: If you use Google Search to search for ‘google glass’ and choose for Images, you will get an almost endless sequence of photos of very beautiful and happy people wearing this device. Coincidence?GoogleGlassImagesInGoogleSearch

Gaat Sergey Brin de uitdaging aan zich via Google Glass te laten observeren?

Sergey Brin en Larry Page zijn de oprichters van Google. Dit niet meer weg te denken bedrijf bestaat overigens pas 15 jaar en groeide in die tijd uit tot zo’n 30.000 werknemers. Beide oprichters bezitten momenteel ieder meer dan 20 miljard dollar en daar komt het komende jaar zo goed als zeker weer 4 miljard per persoon bij, al zal dat niet helemaal uit cash geld bestaan. In elk geval kunnen zij rustig gerekend worden tot een zeer select groepje dat dankzij de ICT superrijk en zeer machtig is geworden. Het lijkt erop dat zij zo rijk zijn geworden door een combinatie van factoren. Ze volgden op het juiste moment de juiste opleiding aan de juiste topuniversiteit, deden daar het juiste onderzoek, bleken beiden zondermeer geniaal, hielden hun belangrijkste uitvindingen aldaar min of meer geheim en begonnen hun eigen bedrijfje op het precies juiste moment. Het internet ontwikkelde zich in razend tempo en er was grote behoefte aan methoden om de steeds groter wordende hoeveelheid gegevens te doorzoeken. De tot dat moment traditionele zoekmethoden waren onvoldoende krachtig om zulke grote hoeveelheden snel te doorzoeken. Brin en Page hadden bepaalde, in eerste instantie door anderen  aan de Stanford universiteit ontwikkelde, zoekalgoritmen verder ontwikkeld en grepen hun kans. Het werd een groot succes. Wat iedereen daarbij opviel was dat ze een goede moraal meenamen. Ze hechtten aan ethische principes en dat was maar goed ook. Als ze de moraal aan hun laars hadden gelapt en zich hadden beperkt tot commerciële overwegingen, was hun bedrijfje (Google) welhaast zeker geflopt, ook al waren de algoritmen nog zo goed. Internetgebruikers hebben de ethische keuzes van Google altijd laten meewegen in hun beslissing om Google te gebruiken. Dat was zeker het geval vanaf het moment dat concurrenten opdoemden.

Met de moraal van Brin en Page zit het dus wel goed. Of toch niet? Hoe zou het daarmee gesteld zijn na 15 jaren van doorlopend succes op alle fronten? Ze verkeren tegenwoordig in de hoogste kringen en behoren tot de superrijken. Maar ook beschikken ze over een heel leger misschien wel nog genialere werknemers die ze – geld is er in overvloed – laten werken aan de meest wilde projecten. Af en toe worden ideeën uit de science fiction in hun laboratoria echt werkelijkheid. Menige jongensdroom wordt er waargemaakt.

Toch, ik heb de indruk dat ze zo langzamerhand losgezongen zijn geraakt van de realiteit. Dat onze ethiek bij tijd en wijle een beetje moet opschuiven teneinde grootse verbeteringen mogelijk te maken, het is begrijpelijk. Echter, ze lijken momenteel toch wel een loopje te nemen met de ethiek. Ik doel dan op het nieuwste speeltje, Google Glass. Het gaat daarbij om een bril die een camera en projector combineert en die bovendien draadloos verbonden is met de servers van Google. De mogelijkheden lijken welhaast onbegrensd. Hoewel een aantal van die mogelijkheden al realiteit zijn sinds de introductie van de moderne smartphone, zal Google Glass een extra dimensie toevoegen. Terwijl je een smartphone, fototoestel, microfoon en videorecorder nog echt moet richten, kan je bij een bril volstaan met ‘onopvallend dragen’. Het medium zal een stuk meer kunnen binnendringen in ons privéleven dan de media die we al gewend zijn. Onze privacy komt daardoor nog meer in het geding. Sommigen stellen dat we ons van de privacy in de toekomst niet meer moeten voorstellen wat deze ooit was en dat het zo goed is. Dat vind ik echter een wel heel cynische, of in elk geval ondemocratische, stellingname; mogen we daarover alsjeblieft zelf beslissen?! Het kan toch niet zo zijn dat we eigenlijk geen keus meer hebben alleen maar omdat iets voortaan technologisch mogelijk is. Als we ons vanaf nu laten bepalen door wat technologisch mogelijk wordt, dan kunnen we alle filosofen, ethici en politici maar beter meteen overboord zetten, net als de democratie. Ik denk dat juist vanaf nu alle technologische vernieuwingen vooraf getoetst moeten worden. Dus niet wachten met wetgeving tot een of ander kalf verdronken is. Proactief en vooraf bij wet regelen is in deze snelle tijden eerder een noodzaak dan een wens, temeer daar ongewenste ontwikkelingen terugdraaien soms gewoon niet meer mogelijk is.

Met name Sergey Brin heeft zich, als projectleider van allerlei bijzondere projecten – waaronder het Google Glass project – opgeworpen als pleitbezorger ervan. Google wil nog voor het eind van dit jaar 8000 gadget-liefhebbers in de gelegenheid stellen een Glass aan te schaffen voor 1500 dollar. Brin zelf heeft zich al in o.a. de metro van New York begeven met zo’n bril op. Op conferenties vertelt hij dat het dragen in het begin wat onwennig was, maar dat het hem steeds beter beviel. Sterker, hij vindt al dat getuur op een smartphone nu eigenlijk maar onsociaal (“You’re actually socially isolating yourself with your phone”) en beweert zelfs dat smartphones je mannelijkheid ondergraven, terwijl Google Glass dat niet doet. Hoe bedenk je het…

Nu zal het vast zo zijn dat die bril voor de drager een voordeel oplevert. Maar heeft Brin wel voldoende nagedacht over de privacy impact voor degenen die bekeken worden? Laten we er een interessant testgeval van maken.

Meneer Brin, ik stel voor om nogmaals het experiment aan te gaan, maar dan in de rol van degene die bekeken wordt. Concreet, ga de uitdaging aan je te laten omringen door meerdere, jou onbekende, personen die de bril dragen en die je gaan observeren. Het experiment moet dan toch wel minstens een week omvatten en zich ook niet beperken tot een enkele ruimte of een enkel uurtje van de dag. Verder moeten alle data die de brillen naar het internet doorsluizen opgeslagen worden op servers waar we allen goed bij kunnen. Ik ben benieuwd of je deze uitdaging durft aan te gaan. Met vriendelijke groet.

En tot de tijd dat we allen over het gebruik van Google Glass in onze parlementen gestemd hebben: Ik persoonlijk zal alle begrip opbrengen voor eenieder die de drager de bril van de kop rukt en deze op de grond verpulvert. Ja, ik weet het, daarmee ga ik verder dan wat de Stop the Cyborg organisatie beoogt. Die pleiten, heel fatsoenlijk eigenlijk, slechts voor t-shirts met opdruk van een verbodsbord.

Opmerking bij onderstaande clip: Wie in de zoekmachine van Google de term ‘google glass’ intikt en kiest voor afbeeldingen, krijgt een haast oneindige rits foto’s te zien van heel mooie en hartstikke blije mensen met zo’n bril op. Toeval?GoogleGlassImagesInGoogleSearch

 

Google Glass – De volgende stap naar een efficiënte maatschappij

Dit is een vrije vertaling van het volgende artikel: Google Glass; Making Life Efficient Through Privacy Invasion

De tegenwoordige wereld lijkt wel te worden gedomineerd door bedrijven die heviger dan ooit tevoren de informatiestromen exploiteren, teneinde via ons aller consumptie hun geld te kunnen verdienen. Mogelijk is mee kunnen kijken met die consumenten de beste manier om die consumptie te ‘optimaliseren’ (ofwel er goed aan te kunnen verdienen). Immers, via die weg zou heel specifiek kunnen worden ingespeeld op de behoeften. Google Glass is een bril met een camera en projector aan boord die in contact staat met bijvoorbeeld een smart phone. Daardoor is het een lens die niet alleen voor de bezitter een scherper of donkerder beeld oplevert. Het wordt daarmee ook een projectiescherm dat allerhande informatie over je zicht op de echte wereld heen kan leggen. Echter, het is nog meer dan dat. Het is daardoor namelijk ook hèt middel om alles wat de drager ziet (en wellicht nog meer!) door te geven aan anderen. Wie die anderen zijn en wat die anderen ermee kunnen of zullen doen is eigenlijk ongewis, al zal een bedrijf als Google ons ervan trachten te overtuigen dat die informatie bij hen in goede handen is.

Dat gezegd hebbende, toch is het op een hoop punten niet een volstrekt nieuwe technologie. Wel is het een nieuw stuk gereedschap dat bepaalde problemen die de afgelopen jaren zijn ontstaan door “technologische innovaties” alleen maar gaat verergeren.

De huidige versie van Google Glass lijkt niet de technologie te bezitten die onze manier van leven echt drastisch verandert. Alles wat het biedt wordt door de huidige generatie smart phones ook reeds geboden. De doorsnee smart phone biedt al de gelegenheid om de weersverwachting te achterhalen, om e-mails te ontvangen, om teksten te versturen, om het internet af te zoeken. Ook instructies kunnen allang handsfree aan de mobiele telefoon gegeven worden. Het enige dat nog niet kon is het verbinden van de telefoon met de ogen of het aansluiten op de zintuigen zodanig dat de drager als het ware één wordt met de technologie. Glass is geen telefoon, maar meer een Bluetooth headset voor de ogen. Reeds de eerste versies zullen draadloos verbonden zijn met de microprocessor van de smart phone van de drager en ze zullen herkenningssoftware gebruiken. Dankzij die herkenningssoftware kunnen beelden worden geprojecteerd op het glas, precies daar waar die informatie het best tot zijn recht komt. Kijk je naar een kerk en vraag je je af hoe deze heet? De naam zal dan onder of boven dat gebouw worden geprojecteerd. Google beweert dat het een completere en betere beleving van wat je ziet zal opleveren. En zo wordt het ook mogelijk om foto’s en video’s in combinatie met de GPS-coördinaten op te nemen, al of niet tezamen met de aanvullende informatie. Deze kenmerken worden door menigeen ervaren als een ware evolutie. Toch bieden bijvoorbeeld smart phones deze dingen ook al, afgezien dan dat de vinger wordt vervangen door het oog.

Glass is feitelijk een verergering van reeds bestaande problemen die het gevolg zijn van al dat tegenwoordige slimme gereedschap. En de voordelen wegen niet op tegen die problemen. Met Google Glass rekent Google erop dat het in de gelegenheid zal worden gesteld geregeld ook advertenties te mogen projecteren op het schermpje. Met Glass zal het wel anders aangepakt gaan worden; tot nu toe moet Google nog inspelen op wat wordt ingetikt met de vingers. Die afhankelijkheid verdwijnt, want Glass neemt ook waar wat de drager niet intikt en zal zelf snel de advertentie erbij kunnen zoeken. Dit zal als opdringerig kunnen worden ervaren, want de drager heeft geen invloed op wat Glass waarneemt. Er rest geen andere keus dan Google Glass wel of niet te dragen. Doe je dat wel, dan moet je ook de ‘ervaring’ ondergaan.

Glass zal worden geadverteerd als “efficiënt”, als een middel dat slechts de voor jou echt relevante advertenties toont. Houd het er maar op dat ze bedoelen dat je nog meer zal worden blootgesteld aan prikkels om te consumeren en dat het nog moeilijker zal worden om die prikkels te weerstaan.

Een ander bedrijf dat begonnen is met het op die manier belagen van ‘de consument’ en dat omschrijft als een goedhartige daad om onze ervaring met de wereld relevanter te maken is Facebook. In het vormgeven van hun advertentiestrategie is het niet langer slechts afhankelijk van wat gebruikers willen prijsgeven, maar maken zij ook gebruik van gegevens die van buitenom komen (“no longer relying solely on what users reveal about, but instead using outside sources of data to learn even more”) om de gebruikers advertenties te tonen die in extreme mate op hen afgestemd zijn. Facebook zegt dat op deze manier de marketingmensen in staat zullen zijn het juiste publiek te bereiken voor het juiste product en dat consumenten advertenties zullen zien die meer “relevant” voor ze zullen zijn. Facebook geeft tegenwoordig zijn gebruikers niet langer de keuze om wel of niet persoonlijke informatie te verstrekken. Bepaalde informatie moet, graag of niet, gewoon verstrekt worden. Zo mag er niet meer met een pseudoniem gewerkt worden. Door die echte persoonlijke informatie (denk met name aan de echte naam) te koppelen aan allerhande informatie die ook extern beschikbaar is, weet het bedrijf voldoende voor dat type adverteren. Idem zal Google het gaan doen met Google Glass.

Alles dat de brildrager zal zien, zal Google kunnen zien. Sterker, Google zal nog meer kunnen zien, want het kan niet alleen zien waar de ogen op gericht zijn, maar ook alles in de periferie. En om het nog erger te maken, de brildrager is niet eens eigenaar van de gegevens, is niet bij machte deze te beheren en weet zelfs niet hoe die opgeslagen en gebruikt worden. De ontwerpers hebben onthuld dat Glass ook elke 5 seconden automatisch een foto maakt. Concreet: tot 17.280 foto’s worden automatisch elke dag gemaakt zonder enige toestemming. Die foto’s worden ergens desnoods permanent opgeslagen en met geavanceerde herkenningssoftware zou wie dan ook de locatie van de foto’s kunnen uitzoeken. Dit opent de deur naar overvallen en andere misdaden, alsmede naar de onthulling van allerhande intieme details, slechts door zoekacties op internet en in aparte bestanden. Stel je een wandelende surveillance-camera voor die jou en alle anderen de hele dag openlijk volgt, zonder jouw toestemming.

Er zijn serieuze nadelen aan verbonden als alles wat er gezegd wordt – heimelijk dan wel onopvallend – opgenomen kan worden en zelfs kan worden omgezet in – ook nog eens doorzoekbare – tekst. De ‘speech to text’ technologie is al een tijdje vergevorderd en wordt ook door de zoekmachine van Google gebruikt. Gecombineerd met het constant opnemen van spraak kan dat een ernstige beperking van ieders individuele vrijheid inhouden. Hetzelfde geldt voor de mogelijkheid van Google Glass om video’s op te nemen. Weliswaar kan dat ook reeds nu, door je mobiele telefoon of een camera te richten, maar opnemen via een bril gaat behoorlijk veel verder omdat het minder opvallend en ook langduriger kan worden gedaan. Zo kunnen ook jou volkomen onbekenden je op hun video’s vastleggen.

Los van de genoemde advertentiemogelijkheden en inbreuk op je privacy is ook veiligheid een serieuze zorg. Iemand voorzien van een bril met ingebouwd projectieschermpje zal bijvoorbeeld veiligheidsproblemen veroorzaken vergelijkbaar met die van het hanteren van een mobiele telefoon tijdens het sturen, wanneer de aard van de erbij geprojecteerde data afhangt van de oogbewegingen die daardoor niet constant op de weg gefocust kunnen zijn. Verder kunnen bepaalde teksten, plaatjes en tekens het zicht onduidelijk maken, waardoor de kans op ongelukken toeneemt.

Glass krijgt momenteel in de reguliere media voornamelijk neutrale tot positieve aandacht; journalisten tonen zich in hun besprekingen vooral onder de indruk van de nieuwe geschetste mogelijkheden. Echter, de onvermijdelijke privacy- en veiligheidsproblemen zijn een duidelijke aanwijzing dat het bedrijf Google dit keer een geheel verkeerde route heeft gekozen. Google Glass spreekt menigeen aan vanwege enkele geniale, nieuwe mogelijkheden, maar zal sluipenderwijs de wereld vooral in negatieve zin transformeren tot een samenleving waar privacy en het idealiter daarbij horende gevoel van geborgenheid tot holle, nostalgische begrippen zijn verworden. Tenzij we er allen, nog net op tijd, een stokje voor steken.

Geïnteresseerd in nog meer kritische informatie over het Google Glass project? Zie de volgende website: Stop the Cyborgs

Joran vd S. moet aan de leugendetector

da918ab211Verbijsterend is het om juristen te horen verklaren dat een bekentenis op zich slechts indirect bewijs is en als zodanig nog onvoldoende om iemand te veroordelen.

Op zich is het een goede zaak dat rechters liever een bekentenis én hard bewijs willen zien alvorens een veroordeling uit te spreken. Dan voelen ze minder angst ten onrechte te hebben veroordeeld en weten ze zekerder te hebben gehandeld vanuit een ethisch verantwoord standpunt. Maar iemand moet mij maar eens uitleggen wat er onethisch is aan een veroordeling die is gestoeld op een bekentenis en daarnaast slechts indirecte aanwijzingen. Wie dat onethisch vindt, snapt weinig van logica.

In vroeger tijden werd er gemarteld om een verhaal te toetsen. Dat mag niet meer. Daarmee zijn we gelukkig verlost van een hoop ellende. Maar wat is ervoor in de plaats gekomen? Geloven we nu elk verhaal? In de praktijk wordt een hoop slimmigheid ingezet om iemand het ware verhaal te ontlokken of uitspraken te laten doen die iemands alibi ondermijnen. Maar de dader kan slimmer blijken te zijn – en/of de nodige ‘mazzel’ hebben – en toch overeind blijven. Zijn er dan werkelijk geen andere middelen meer? Hoe zit dat nou toch met de moderne techniek, met name met de nieuwste generatie leugendetectoren?! Daar is volgens mij een flinke progressie geboekt.

Een andere interessante uitspraak vandaag in de Volkskrant was dat bij het OM het proportionaliteitsbeginsel moet worden toegepast, kortom dat zware middelen alleen bij zware misdrijven mogen worden toegepast. Mij lijkt het dat dit slechts een pragmatisch principe is, goed om het wetsbedrijf efficiënt te houden en de wetshandhaving daarmee betaalbaar. Maar ik begrijp echt niet wat er onethisch of wetsmatig onjuist is aan de inzet van bijv. undercover-agenten en afluisterapparatuur naar aanleiding van de diefstal van een fiets. Akkoord, het is erg duur om dat bij elke fietsdiefstal te doen. Maar daarmee ook onethisch? Ik dacht het niet.

Ook zie ik niet in wat er onethisch is aan agenten die foto’s maken van groepen hangjongeren, als anderen dat wel vrijelijk mogen. Tuurlijk, men vreest misbruik door de overheid, maar zijn er werkelijk geen àndere manieren om dat te voorkomen?

Ik ben uitermate gesteld op mijn privacy. Maar ik denk dat criminelen nog veel meer gesteld zijn op hun privacy en in veel sterkere mate voordeel hebben van de huidige privacy-regelingen dan ik.

En dan nog iets. Dus als je het lijk nou maar goed wegwerkt en je beweert bij ontmaskering dat die persoon zomaar opeens doodging en dat jij je geen raad wist, bang was verdacht te worden van moord en daarom maar het lijk hebt weggewerkt, dan kan je nog slechts beschuldigd worden van wegwerken van het lijk en niet meer van doodslag of moord? Rare gang van zaken. Ik zou zeggen, beschuldig en veroordeel maar op basis van moord. Als het lijk aantoonbaar is weggewerkt, laat die persoon dan maar met bewijzen komen dat het géén moord was.

Joran moet worden vastgezet. Vervolgens moet hij aan de leugendetector. Dat op zijn minst.

Eindelijk weer wat privacy op internet

Persoonsgegevens moeten zorgvuldig worden gebruikt, juíst op internet. Dat vind ik niet alleen, maar ook het College bescherming persoonsgegevens (CBP). Vandaag, 16 oktober 2007, zag het document Publicatie van persoonsgegevens op internet het licht. De komende weken is dat nog ter beoordeling. Over een week of wat komt het in de Staatscourant en dan is het een document waar we allen officieel niet meer omheen kunnen.

In eerdere blogs vertelde ik over de reactie van XS4ALL op mijn verzoek een bij hen ondergebracht weblog aan te pakken omdat er ongewenst over iemand wordt kwaadgesproken en die persoon niet alleen bij naam, maar ook met een e-mail adres te identificeren is. Met name protesteerde ik tegen het publiceren van het e-mail adres, ook al vanwege te verwachten spam. De juriste van XS4ALL reageerde met:

De betreffende informatie is naar de mening van ons niet onmiskenbaar onrechtmatig. Aan uw verzoek tot blokkering van bepaalde informatie zal om die reden niet worden voldaan.

Het vandaag gepubliceerde document lezende is het mijn overtuiging dat de juridische afdeling van XS4ALL er voortaan niet meer omheen zal kunnen om in zo’n geval wèl in te grijpen. In feite hadden ze dat drie maanden geleden ook al moeten doen, zo goed als zeker wetende dat het CBP bezig was de laatste hand te leggen aan de nieuwe verplichtende richtlijn.

Voor het weblog alhier zullen er ook consequenties zijn. Zo zal het voortaan waarschijnlijk verboden zijn om bij een reactie het ip-adres te vermelden, ook als het om een niet ingelogde persoon gaat. Redenering is dat het ip-adres toch een gegeven is dat kan bijdragen aan het achterhalen van iemands ware identiteit. Een mogelijke oplossing lijkt mij dat de Volkskrant het ip-adres vervangt door een ander nummer. Binnen het weblogsysteem blijft iemand dan herkenbaar als een en dezelfde persoon, terwijl er geen risico bestaat dat zo’n gegeven wordt gekoppeld aan andere gegevens op het internet.

Enkele andere consequenties:

Ikzelf beheer diverse websites en zal aan mijn rits e-mail adressen de variant privacy@domeinnaam.nl gaan toevoegen, want dat formaat wordt het populaire adres waaraan mensen klachten inzake privacy zullen gaan richten.

Er zullen aanpassingen gerealiseerd moeten gaan worden, zoals publicatie op de sites van privacy-verklaringen.

Ook zullen website- en weblogbeheerders zich vantevoren rekenschap moeten geven van de aard van de gegevens die ze willen publiceren. Het is veelal onvoldoende om maar af te wachten en pas te reageren als er actief wordt geklaagd.

Met name voor webloggers is van belang dat een onterechte beschuldiging, waarbij privé-gegevens iemand traceerbaar maken, niet kan worden rechtgezet door even later te vermelden dat de beschuldiging onjuist is. Een verzoek tot expliciete verwijdering van de beschuldiging moet gehonoreerd worden, zodat referenties, via zoekmachines, tot het verleden gaan behoren. Zelfs zal zo’n verwijdering zich moeten uitstrekken tot een verzoek aan zoekmachines om de opgeslagen verwijzingen, welke in cache staan, te verwijderen.

Wanneer iemand privé-gegevens verwijderd wil zien, kan dat verzoek ook aan de website-beheerder, zoals hier de Volkskrant, worden gericht. Deze móet ermee aan de slag en kan niet volstaan met het verweer dat de blogger zelf de aan te spreken persoon is.

De tijd dat we bij het publiceren van privé-gegevens op bijv. een weblog mochten afgaan op ons eigen gevoel voor rechtvaardiging is voorbij. Gelukkig, want dat gevoel was bij sommigen ver onderontwikkeld.