Tip voor Wilders: Ga gedogen!

wilders-buma-rutteNu de onderhandelingen tussen de VVD, D66, CDA en Groenlinks zijn gestraald is het tijd voor mijn voorstel. Dit voorstel is vooral gericht aan de PVV! Ik stel voor dat de PVV gaat gedogen!

Vrijwel het enige dat Wilders c.s. moet doen is Rutte c.s. daarvan op de hoogte stellen. Helemaal zonder enige voorwaarde? Nee, dat nou weer niet. De voorwaarde is dat het migratiebeleid streng genoeg wordt, de EU kritisch genoeg wordt tegemoet getreden en dat de belangen van de Nederlandse bevolking niet worden verkwanseld.

Ik denk dat D66 dan afhaakt, maar dan houd je VVD en CDA over, goed voor respectievelijk 33 en 19 zetels, samen dus 52. Tel daar de 20 van de PVV bij op en je bent er bijna. Verzoek ook de FvD zijn 2 zetels in te zetten en je mist er nog maar twee. Me dunkt dat er bij de andere kleine partijen vast eentje bij zit die zich zal thuisvoelen in een coalitie en je bent er. Je hebt dan weliswaar een minderheidskabinet, maar in de praktijk heb je dankzij het gedogen toch de gewenste meerderheid.

Ik hoor u denken: ‘Maar dan kan je beter de PVV vragen mee te doen’. Helaas, dat ligt blijkbaar ontzettend moeilijk voor de VVD en het CDA. Zo moeilijk zelfs dat ze de PVV niet eens durven te vragen te gedogen. Maar waarom zou de PVV moeten wachten op gevraagd worden?! Ze kunnen het ook prima zèlf aanbieden.

VVD en CDA doen er goed aan het gewoon te proberen. Na een jaartje zal dan blijken of het scenario van 2012, toen de PVV de gedoogsteun introk, wederom optreedt. Zo niet, dan betoont de PVV zich een betrouwbare coalitiegenoot, ook aan het argwanende volk.

Wat 2012 betreft moet me wel van het hart dat de PVV groot gelijk had. Zij gedoogden het eerste jaar, maar in de onderhandelingen voor het tweede jaar werden zij gechanteerd. Door hun steun in te trekken bewezen zij de bevolking een grote dienst. Als dat niet was gebeurd, was er toen door Rutte nog veel zwaarder bezuinigd.

Advertenties

De PVV gaat lokaal en wordt dus eerdaags een ledenpartij

loyaalVan de PVV wordt wel gezegd dat het geen democratische partij is omdat er geen lidmaatschap mogelijk is. Ik ben het daarmee oneens, want bij democratie gaat het erom dat je de wil van het volk belangrijjk vindt. Dat gezegd hebbende vermoed ik dat de PVV eerdaags toch de stap naar een ledenpartij maakt. Immers, hoe kan je anders het nodige kader verzamelen dat bereid is zich in de lokale politiek te roeren. Het zal betekenen dat er binnen de PVV meerdere meningen zullen gaan rondzingen en dat Wilders’ woord mogelijk niet langer allesbepalend zal zijn. Om interne conflicten te voorkomen zal er sterk worden gelet op loyaliteit. Dat is toch wel een dingetje.

Democratie

Maar laat ik eerst iets zeggen over democratie. Het is maar de vraag of een zuivere democratie echt mogelijk is. Immers, in een zuivere democratie zijn àlle burgers èchte democraten, dus mensen die bereid zijn de wil van het volk te volgen, dus mensen die bereid zijn hun eigen wil weg te drukken omwille van dat hogere doel. Voel je ‘m waarom dat niet echt mogelijk is? Er zijn in dat model geen mensen die gaan voor hun eigen wil.

Het theoretisch tegendeel van een democratie is een samenleving waar àlle burgers niets geven om de wil van het volk en volledig gaan voor hun eigen wil. Ook dat soort samenleving lijkt me in de praktijk onmogelijk, vandaar dat ik het al bij voorbaat een theoretisch tegendeel noemde. Ik zou trouwens niet weten hoe de Grieken zo’n type samenleving benoemden.

In die praktijk zitten we ergens tussen die extremen. Dan zijn er diverse vormen denkbaar. De eerste is dat sommigen echte democraten zijn en anderen slechts gaan voor hun eigen wil. Ook denkbaar is dat alle burgers een beetje democraat zijn op minder belangrijk gevonden thema’s en voor het overige de eigen wil het liefst aan anderen willen opleggen. Afijn, allerlei mengvormen zijn te bedenken waarbij het gaat om de variatie en score op een dimensionele schaal. Dan is iedere burger in een bepaalde mate democraat en voor het overige een potentiële dictator.

“Niet mijn president”

Toen Trump werd gekozen nam ik het vooral linkse mensen hardop kwalijk dat ze zich geen goede democraat betoonden. Duidelijk voorbeeld waren degenen die al meteen riepen dat Trump niet hun president is. Het had alles weg van onsportiviteit, van niet tegen je verlies kunnen. Maar toen hier de verkiezingsuitslag voor Wilders wat tegenviel, viel juist mij kwalijk te nemen dat ik me geen goede democraat betoonde. Ik had er de smoor op in, al ging ik niet de straat op met een bord waarop iets stond als “Rutte niet mijn premier”.

Ook kan ik me voorstellen dat een gekozen politicus in een latere fase alsnog protesten oproept. Die protesten zouden dan eerlijkheidshalve wel moeten komen van degenen die vòòr de politicus hadden gestemd. Daar speelt een belangrijk criterium een cruciale rol in: loyaliteit.

Loyaliteit

Een leider – partijleider, premier of president – verwacht terecht loyaliteit van zijn kiezers, maar nòg meer van de partijleden. Daarop wordt over het algemeen goed gelet binnen de partij en door politieke commentatoren. Een aspect waar echter nooit op wordt gelet is dat de kiezers en partijleden idem loyaliteit verwachten van de  leider. Dan gaat het niet om sociale omgangsvormen, maar om loyaliteit aan de partijbeginselen en, meer concreet, aan de afgesproken keuzes. En juist op dat punt gaat het vaak mis. Dan blijkt juist de leider niet loyaal te zijn, door te gaan afwijken van tijdens de verkiezingen gedane beloften. Zodra de kiezers – dus zij die op de leider hebben gestemd – dat in de gaten krijgen, is hun eventuele protest zeer terecht. Zo’n leider pleegt dan immers verraad en er hoort wellicht een afzetting te volgen, zo niet goedschiks, dan maar kwaadschiks. Maar let op, dat type protestrecht is voorbehouden aan degenen die de leider op de figuurlijke troon hadden gezet. Degenen die al bij de verkiezingen tegen stemden, hebben niet dat type protestrecht, al zijn ze daarmee niet bij voorbaat de mond gesnoerd. Immers, als mensen echt last krijgen omdat de leider is gaan afwijken van de gedane beloften, dan is ook dat een grond voor protest.

Lokale politici voor de PVV

De PVV is momenteel op zoek naar mensen die bereid zijn het PVV-geluid in de lokale politiek te gaan uitdragen. Belangrijk is daarbij dat die mensen loyaliteit betonen, zo stelde een PVV-woordvoerder. We moeten hopen dat ook binnen de PVV wordt beseft dat het daarbij niet gaat om loyaliteit aan de persoon Wilders. Het gaat immers om loyaliteit aan de partijbeginselen en de huidige, afgesproken keuzes. Het is echt niet de bedoeling dat Wilders van lokale politici verwacht dat ze in de toekomst instemmen met èlke standpuntswijziging die hij zelf doormaakt. Sterker, die lokale pleitbezorgers mogen juist van Wilders verwachten dat hij zich al evenzeer loyaal opstelt ten aanzien van de partijbeginselen en de afgesproken huidige keuzes. Doet hij dat op zeker moment niet langer, even goede vrienden, maar dan is loyaliteit aan hem niet meer vanzelfsprekend, al zou het kunnen zijn dat zijn gewijzigde standpunt toch een echte verbetering is. Maar dan zal er door hem overtuigd moeten worden tijdens intern debat. Aan dwingelandij hebben PVV’ers – en gelukkig ook Wilders – een broertje dood. Blaffen doen mensen maar tegen hun hond.

Waarom VVD en CDA niet willen onderhandelen met Wilders

Robert Paxton is een Amerikaans historicus die in de ogen van veel van zijn vakgenoten hèt standaardwerk over fascisme heeft geschreven. Of dat zo is, laat ik even in het midden. Voornamer is dat hij die naam heeft en dat er velen zijn die daarom zijn woorden zwaarder laten wegen. Kortom, hij geniet gezag. Daarom is de volgende conclusie van hem van niet te onderschatten betekenis.

Fascisten anno 1922 (Mars op Rome)

Paxton zag dat in alle fascistische landen – we hebben het nu over de jaren voorafgaande aan WO2 – het fascisme pas doorbrak na een cruciale verbintenis met een conservatieve politieke partij. Het ideeëngoed van de fascisten sprak dan een deel van de mensen wel aan en de conservatieve partijen verloren daardoor juist aanhang. In een poging om die verloren stemmen terug te winnen ging de elite van een of meer conservatieve partijen vervolgens dan toch maar een verbintenis aan met de fascisten. Het bijeffect daarvan was dat de fascisten zo aan geloofwaardigheid wonnen. En het toenemende gezag leidde zelfs tot regeringsverantwoordelijkheid.

Nu wordt me opeens duidelijk waarom de VVD en het CDA per se niet met de PVV willen praten, c.q. de PVV blijven buitensluiten! Dat blijven buitensluiten heeft helemaal niks met welke inhoud dan ook te maken. Het heeft ook helemaal niks te maken met hun ervaringen uit 2012 (toen Wilders zich als gedoger terugtrok). Nee, ze hebben Paxton gelezen en ‘begrepen’. De elite bij de VVD en het CDA meent dat insluiten van Wilders het risico in zich bergt dat het de weg opent naar hernieuwd fascisme. Door de PVV geen kans op regeringsdeelname te bieden, hopen zij dat de PVV bij in elk geval de 80 procent van het volk dat geen PVV stemde als ongeloofwaardig te boek blijft staan.

Fascisten anno 2017? Wel heel ver gezocht.

Nu denk ik dat Paxton wellicht gelijk had en acht ook ik het goed dat gevestigde partijen geen werkrelatie aan gaan met fascisten. Maar heeft de elite van de VVD en het CDA gelijk? Is de PVV werkelijk een opstap naar fascisme? Zou de PVV werkelijk het ene na het andere democratische principe overboord gaan zetten zodra het daartoe de macht heeft? Wie op die vragen ja antwoordt, snapt echt niets van Wilders c.s. en laat zich leiden door irrationele angst. Angst die gezaaid wordt door juist diegenen die Wilders en zijn Europese bondgenoten telkenmale weer beschuldigen van het handelen in angst.

 

 

De PVV onderschatte de invloed van de traditionele media

De vooruitgang voor de PVV (exitpoll: van 15 naar 19) valt me zonder meer tegen. Al met al maak ik me nu nog dieper zorgen om de toekomst. Mijn hart huilt.

Het ziet ernaar uit dat de ruzie met Turkije een flinke duw vooruit heeft gegeven aan Rutte omdat hij niet wegdook. Wil je het heel optimistisch bekijken, dan zou je kunnen zeggen dat ook Rutte en zijn VVD eindelijk het licht hebben gezien en dat alles daarom dus toch wel goed zal komen. Maar dat is wel heel optimistisch. Er zijn nog steeds allerlei signalen die me pessimistisch stemmen.

Er zijn vast ook andere oorzaken van het tegenvallende zetelaantal voor de PVV. Wilders heeft wellicht toch te weinig meegedaan aan de diverse debatten. Het zal een teveel aan zelfvertrouwen zijn geweest; dat mag je arrogantie noemen. Wellicht is hij in slaap gesust door de vele peilingen van Maurice de Hond en anderen; peilingen die pas deze week een duikvlucht lieten zien. En hij zit misschien toch teveel in de eigen bubbel. De bubbel waarin er weliswaar zeer uitgebreid contact is met de vaste achterban, maar te weinig met de twijfelaars. Die twijfelaars hebben Rutte de afgelopen weken elke dag op tv gezien en gehoord en bleken wel degelijk gevoelig voor Rutte’s ‘harde’ opstelling.

Ook was Wilders er te zwaar van overtuigd dat “niemand Rutte nog gelooft” na zoveel gevallen van kiezersbedrog. Rutte is echter een meester gebleken in het neutraliseren van dat stigma. Alleen wie een gedegen kennis van zijn uitspraken en handelen van de afgelopen jaren heeft, was in staat om door Rutte’s verweer heen te prikken. Kortom, Rutte blijkt een meester in het geloofwaardig overkomen, zelfs na bewezen en structurele ongeloofwaardigheid.

Over de bubbel van Wilders: De vaste achterban was er sinds Trump’s overwinning totaal van overtuigd dat de PVV bij deze verkiezingen zou gaan spetteren. Door het teveel verblijven in de eigen bubbel hebben ze de eigen omvang toch overschat. Heel misschien dachten sommigen dat er zo een self-fullfilling prophecy zou worden uitgesproken. Zeker, voor menigeen was het aanstekelijk en kregen ze het gevoel dat stemmen op de PVV best kon, omdat je dan toch wel degelijk tot een winnaarsgroep zou behoren. Maar het heeft ook geleid tot te weinig gevoel van urgentie; het gevoel dat er nog heel veel werk verzet moest gaan worden om de potentiële, maar toch nog twijfelende kiezers binnen te halen.

De sociale media waren belangrijk voor de mensen in de bubbel. Maar de reguliere media bleken een uiterst slimme/sluwe strategie te volgen. Er werd net gedaan alsof dit keer ook de boze PVV-burger aan bod kwam in praatprogramma’s en in de bladen. Een diepte-analyse zal ooit aantonen dat het net-alsof was en verre van oprecht. Het is ook vast teveel gevraagd van journalisten die al sinds jaren op hun plek zitten, dat ze nu opeens de zo noodzakelijke switch zouden maken.

Media als TPO zullen nog veel harder eraan moeten gaan trekken. Sterker, ze zullen zich niet langer moeten gaan beperken tot de sociale-media bubbel, maar ook moeten gaan verschijnen op krantenpapier én op tv. Zonder zulke zichtbaarheid zal hun rol toch een beperkte blijven.

Ook Wilders zal de strategie moeten gaan herzien. De vaste kern is te klein gebleken. De standpunten matigen zal niet de juiste strategie zijn, maar het is niet langer verstandig om de confrontatie te zoeken. Wilders doet er goed aan toe te werken naar de situatie dat de andere partijen de PVV niet langer massaal kunnen buitensluiten zonder ridicuul over te komen. De vaste PVV-aanhangers zien allang de ridiculiteit van de drogredenen die de andere partijen aandragen om buiten te sluiten. Het gaat er vanaf nu echter om dat niet alleen binnen de eigen bubbel zo wordt gedacht. Wilders heeft alle jaren nooit werk gemaakt van ‘verdedigen’ vanuit de wetenschap dat je al bij voorbaat verloren hebt zodra je je begint te verdedigen. Er is echter soms niet aan te ontkomen; het komt er dan op aan de verdediging slim vorm te geven en dan weer het verhaal op te pakken dat je kwijt wilt. Dus niet laten volgen door een tegenaanval. Ook toonde Wilders geregeld teveel incasseringsvermogen. Het is beter om bij zeer heftige persoonlijke aanvallen te laten blijken dat het je raakt en dat je het vals vindt. Wilders’ reacties op zulke aanvallen waren tot nu toe te vaak even heftige persoonlijke tegenaanvallen. Wat in de ogen van sommigen een fraai voorbeeld van assertief van je afbijten was, bleek in de ogen van veel mensen een verre van fraai voorbeeld van kift. Ikzelf behoor tot degenen die het assertief van je afbijten een mooie eigenschap vinden. Helaas behoor ik tot een minderheid. De strategie zal daarom toch ietsje omgegooid moeten worden. De problemen in de wereld zijn gewoon te ernstig om het er maar bij te laten zitten. Vandaag en morgen mogen we gedesillusioneerd zijn, maar daarna zullen we echt weer aan de bak moeten. En dan zònder de arrogantie die de afgelopen maanden bezit van ons had genomen.

Over de ‘wij tegen zij’ retoriek van Amnesty International

Ja mensen, het jaarboek van Amnesty International (hier verder kortweg Amnesty) is uit en hun centrale leuze is dit keer: ‘Wij tegen zij’-retoriek bedreigt mensenrechten

Hun persbericht begint met (mijn vet):

Amnesty International waarschuwt vandaag in haar Jaarboek 2016-2017 voor de toenemende ‘wij tegen zij’-retoriek die zorgt voor verdeelde samenlevingen. In The State of the World’s Human Rights signaleert Amnesty een trend waarbij politici in Europa, de Verenigde Staten en elders in de wereld bewust een verdeelde samenleving creëren. Een dergelijke samenleving vormt een voedingsbodem waarin woorden tot daden kunnen leiden en waarin mensenrechtenschendingen acceptabel worden.

Misschien behoort u tot de kritiekloze adepten van Amnesty en ziet u het dùs niet; ik daarentegen behoor alweer een tijdje niet meer tot die groep en zie het tegenwoordig helderder en helderder: Deze organisatie kiest al heel lang partij tegen wat zij populisten noemen en dus ook tegen de aanhang van die lui. Daarmee hebben zij zich aan één zijde geschaard en moeten we constateren dat uitgerekend Amnesty denkt in termen van wij tegen zij! Bij Amnesty lopen uiteraard de goede mensen rond en die populisten zijn uiteraard de levensgevaarlijke slechteriken waarvoor ze moeten waarschuwen.

Dat doen ze vervolgens met retoriek (ja, retoriek) over vrij debat en de democratische rechtsstaat. Dat zijn dan ‘essentiële pijlers’, maar de vrijheid van meningsuiting is natuurlijk niet bedoeld voor populisten; dat snapt u toch wel?

Het vrije debat is een essentiële pijler van de democratische rechtsstaat. Maar er dreigt gevaar als het vrije woord wordt gebruikt om bepaalde groepen in de samenleving als zondebok aan te wijzen voor maatschappelijke problemen.

Ofwel, in een democratische rechtsstaat en in vrij debat zou Amnesty maar wat graag mensen die bepaalde groepen in de samenleving aanwijzen als veroorzakers van een hoop ellende het spreken daarover willen verbieden. En als dat er niet in zit, dan willen ze maar wat graag meewerken aan demonstraties en afzettingspogingen.

Wie die populisten zijn? Ze scheren daarbij flink over één kam:

Trump (VS), Orban (Hongarije), Erdoğan (Turkije), Duterte (Filipijnen) en andere politici die zichzelf anti-establishment noemen, staan een beleid voor dat hun samenlevingen verdeelt.

Hoe die populisten dat doen? Van Duterte en Erdogan weten we hun methodes en ja, die keuren politici als Trump, Wilders, Marine Le Pen, Orban en al die andere over één kam geschoren populisten al evenzeer af. Maar hoe doet bijvoorbeeld hier onze Wilders dat?

Ook in Nederland gebruiken politici steeds vaker angst om verdeeldheid in de samenleving te zaaien.

Mensen als Wilders maken zich grote zorgen en willen waarschuwen, maar bij Amnesty is het nog steeds de bekende oude riedel: angst wordt er gezaaid. Dan volgt een interessante uitspraak waarover de lui bij Amnesty echt eens onderling een boom moeten gaan opzetten, op een heidag ofzo:

Mensenrechten worden vaak selectief gebruikt: de rechten van de meerderheid worden dan belangrijker gevonden dan de rechten van minderheden.

In een democratie wordt de wens van de meerderheid nageleefd en de meerderheid hoeft alleen maar de nukken van een minderheid te respecteren als het daarvoor vrijwillig kiest. Ergo, de meerderheid mag ook ervoor kiezen een minderheid niet zijn zin te geven. Maar hoe ziet Amnesty dat?

Maar mensenrechten gelden altijd, overal en voor iedereen.

Dit is dus retoriek. Waarom? Omdat in een gezonde democratie er vrijwel altijd een legitieme en verdedigbare reden is als een minderheid zijn zin niet krijgt. Het is ook retoriek omdat het een volstrekt kritiekloze navolging van de UVRM inhoudt. Terwijl we onderhand, anno 2017, toch wel allen zouden moeten weten dat die UVRM een paar zeer problematische artikelen bevat. Artikelen die we allen echt opnieuw tegen het licht moeten gaan houden.

Bijvoorbeeld, wat te denken van artikel 2 waarin de vrijheid van godsdienst wordt gegarandeerd, terwijl zo langzamerhand iedereen duidelijk moet zijn dat dit artikel als dekmantel wordt aangewend voor een kwaadaardige ideologie die wereldheerschappij nastreeft en zeker de democratie niet omarmt. Nee, ik heb het nu niet over het christendom, jodendom, hindoeïsme, boeddhisme en nog zo wat religies. Ja, ik heb het nu over de islam.

Ander voorbeeld: Artikel 13 stelt dat een ieder het recht heeft ‘zich vrijelijk te verplaatsen en te vertoeven binnen de grenzen van elke Staat’. Hoezo? Grensbewaking is misschien wel dè reden waarom het concept van de staat zo succesvol is gebleken. Tot voor kort dan, want met die grensbewaking is het tegenwoordig droevig gesteld. In Spanje hebben ze niet eens meer het lef om iedereen die met geweld het hek bij Marokko probeert over te steken simpelweg neer te schieten of in de gevangenis te gooien. Iets wat in alle eeuwen, inclusief de vorige, doodnormaal en gewoon legitiem was, durven onze regeringsleiders nu niet meer. Voor wie nu meent zeker te weten dat ik een havik en hardvochtig mens ben, het tegendeel is waar. Maar ik ben wel tot het inzicht gekomen dat ook geweld een plaats heeft in het scala aan oplossingen. En ga nu niet net doen of u dat onzin vindt, want u steunt wel de strijd tegen IS en was ook maar wat blij met de bevrijding in 1945. De tijd dat ik het gebroken geweertje droeg en de cursus ‘geweldloos verzet’ volgde ligt al 47 jaar achter me en ik heb echt berouw van mijn naïviteit uit die jaren.

Bij deze hoop ik ook de naïeve houding jegens Amnesty definitief te hebben afgezworen. Mijn vertrouwen in Amnesty komt pas weer terug als ze bij zinnen zijn gekomen, afstand hebben genomen van Soros, ophouden oprecht bezorgde politici als populist te brandmerken en begrip gaan opbrengen voor de oprechte zorgen die de stemmers op Wilders et. al. hebben.

Bastiaan Rijpkema gelooft in populisme en keert zich tegen de PVV

Bastiaan Rijpkema mag ons dit jaar op de radio, als vaste gast bij Nieuws & Co, de politiek gaan uitleggen. Daarmee begon hij 2 januari, met een uitleg van wat populisme is. Ik verwachtte dat hij zou gaan uitleggen dat populisme een strijdterm is, maar helaas, ook hij blijkt het begrip te hebben omarmd en er betekenis aan te geven. Een transcriptie van een deel ervan:

“Van politicologen … leren we dat populisten eigenlijk twee kenmerken delen. Ze zijn ten eerste anti-elite, maar ze zijn ook anti-pluralisme en dat laatste is vooral belangrijk want ze creëren een beeld van een homogeen volk waar bepaalde groepen niet bijhoren. In Nederland zie je dat heel nadrukkelijk bijvoorbeeld bij de PVV waar een beeld wordt geschetst van een Nederland waarin bijvoorbeeld moslims eigenlijk geen plaats zouden hebben. En dat anti-pluralisme, en dan kom je dus bij de democratische rechtsstaat, vertaalt zich in constitutionele termen naar anti-rechtsstatelijk zijn, dus populistische partijen zijn eigenlijk vaak anti-rechtsstatelijke partijen en ook dat zie je dus bij de PVV als je de voorstellen ziet die de PVV doet: Ze willen een verbod op de koran, ze willen een hoofddoekjesbelasting en ze willen moslims weren uit het leger, ze bepleiten dat moskeeën gesloten moeten worden … en islamitische scholen. Dat is een bijzònder zorgwekkend lijstje van allemaal zaken die in strijd zijn met onze grondwet. Denk alleen al aan de vrijheid van godsdienst, van onderwijs en het anti-discriminatiebeginsel. En ik denk dat je daarom dus kunt zeggen dat als die populistische partijen hoog staan in de peilingen van een aantal landen, betekent dat dat anti-rechtstatelijke partijen een goede kans maken om mee te gaan doen, in ieder geval in coalitiebesprekingen, of tegen de macht aan kunnen gaan schuren en dat maakt 2017, denk ik, een zeer spannend jaar voor de rechtsstaat.” (mijn vet)

Rijpkema zegt verder dat andere, ook nieuwe partijen moeten zorgen dat ze geen PVV-light worden. Ze moeten de problemen die de PVV aankaart wel serieus nemen, maar moeten expliciet met rechtsstatelijke antwoorden komen.

d200x250

Bastiaan Rijpkema

Afijn, luister zelf even naar de rest. Het komt er, kort gezegd, op neer dat je wel mag of zelfs moet zeggen dat radicale moslims hard bestreden moeten worden, maar dat je de islam als godsdienst moet blijven respecteren.

Het is een verhaal met een flinke valkuil waar heel veel mensen maar al te graag in willen vallen. Heel veel mensen hebben van andere mensen begrepen dat stemmen op de PVV toch wel een schande is, terwijl ze ergens toch ook wel vinden dat die partij de vinger op de zere plekken legt. Nee, een partij die bijna hetzelfde zegt, maar continu blijft claimen keurig rechtsstatelijk te willen blijven lijkt hen vast een goed alternatief. Flauwekul natuurlijk. Eigenlijk is het een mooi praatje dat vrienden als Baudet wel zo uitkomt. Wel merkwaardig dat Rijpkema dan evengoed denkt dat het geen PVV-light zal zijn.

Maar let op, het is dus een valkuil. Want wat zegt Rijpkema hier eigenlijk? Hij zegt hier dat onze grondwet nooit meer ter discussie gesteld mag worden. En hij zegt ook dat hij wel even zal uitmaken of iemand’s interpretatie van een grondwetsartikel juist is of niet. Het lijkt mij dat beide claims in een echte rechtsstaat niet thuishoren.

In een echte rechtsstaat moet je in staat zijn om een groepering die zich beroept op godsdienstvrijheid te ontmaskeren als blijkt dat onder dat mom andere (grond)wetsartikelen worden afgewezen. De vrijheid van godsdienst is nooit bedoeld geweest als vrijhaven voor wie de rechtsstaat omver wil gooien. Boeddhisme, hindoeïsme, protestantisme en nog zo wat religies zijn tot nu toe geen cover-ups gebleken voor politieke ideologieën die een eigen wetboek willen invoeren. Ware dat wel zo geweest ten tijde dat het wetsartikel inzake de godsdienstvrijheid werd bedacht,  dan had dat artikel het nooit en te nimmer gehaald. Is het dan raar dat er later alsnog geprotesteerd wordt nu zich een religie opdringt die zo’n machtsgreep wèl beoogt? Nee, niet raar, wel juist logisch. Een politieke partij die de vrijheid van godsdienst artikelen (1, 6 en 7) bekritiseert juist vanwege de islam, is een dappere partij die zich méér om de rechtsstaat bekommert dan een partij die de godsdienst islam alhier wil blijven tolereren en voor de bestrijding van al het terrorisme, het terugdringen van de breideling van de politieke macht door moslims, het de-islamiseren en het stoppen van islamitisch onderwijs zijn toevlucht moet nemen tot allerhande andere artikelen zolang het maar niet artikelen 1, 6 en 7 zijn.

Zelfde redeneringen kunnen worden opgezet inzake de andere ‘bijzònder zorgwekkende’ punten uit het verkiezingsprogram van de PVV. Overigens, wat die ‘hoofddoekjesbelasting’ betreft, dat is ironie waarmee verwezen wordt naar wat de islam zelf alle eeuwen deed. Moslims weren uit het leger heeft niets met discriminatie te maken, wel alles met een zich steeds dieper wortelend gevoel dat een moslim zich weleens tégen het Nederlands leger zou kunnen keren. (Een alternatief zou kunnen zijn dat een legereenheid uit voornamelijk moslims bestaat.) Moskeeën sluiten is een haast verplicht middel om te voorkomen dat haatdragende teksten door ‘autoriteiten’ overgedragen blijven worden op in Nederland opgroeiende jongeren.  Idem voor islamitische scholen.

Ik heb Bastiaan Rijpkema hoog zitten en heb ook zijn boek gelezen. Me dunkt dat juist hij het bovenstaande verweer zou moeten begrijpen. Zijn boek gaat immers over hoe de tolerante democratie zich dient te wapenen tegen ideologieën die de democratische wetten pogen te gebruiken om de eigen intolerante ideologie erdoorheen te drukken.

Rijpkema positioneert zichzelf voorlopig buiten enige partij, anders dan zijn mentor Paul Cliteur, maar heeft vast de nodige sympatie voor bijvoorbeeld Baudet’s FvD. Ik kan alleen maar hopen dat hun opzet is om als rattenvangers van Hamelen degenen over te halen voor wie de PVV nog steeds een stap te ver is. Maar dan hoop ik wel dat Baudet c.s. na de verkiezingen bij de formatiepogingen zich niet gaan gedragen als al die andere partijen. Dus alsjeblieft géén cordon sanitair gedoe. En voor nu alvast: Niet teveel doordraven over populisme, met termen als anti-elitair, anti-pluriform en anti-rechtsstatelijk, en dat dan toepassen op de PVV. Het is een verkeerde weg, het is een valkuil, het leidt tot foute analyses en het komt dan misschien nooit meer goed met de goodwill van degenen die echt frank en vrij denken.

Voor Raoul du Pre is Wilders de vijand

Boze Wilders

Was nog best moeilijk om een foto van een vijandige Wilders te vinden.

De Volkskrant had blijkbaar een interview met de huidige voorzitter Frits Bakker van de Raad voor de Rechtspraak (huh?) over Wilders’ kritiek dat hij was veroordeeld door een ‘nep-rechtbank’ en ‘PVV-hatende’ rechters. De Volkskrant meldt dat volgens Frits Bakker Geert Wilders slechts gebruik gemaakt heeft van de ruimte die de wet biedt en dat van een serieuze ondermijning van het rechtssysteem geen sprake is.

Mooi, is er tenminste eentje die er sportief mee omging. Maar de redactie van de Volkskrant is beduidend minder sportief en het redactioneel commentaar, bij monde van Raoul du Pre, getuigt zelfs van vijandschap jegens Wilders. Op andere wijze is dat commentaar niet uit te leggen. Een bevriende én een neutrale journalist zou immers nooit de volgende termen hebben gebruikt:

  • Titel: Rechterlijke macht staat boven spelbederf Wilders
  • De rechterlijke macht reageert geruststellend onderkoeld op Geert Wilders’ pogingen tot intimidatie.
  • … daarom is het zo verontrustend dat PVV-leider Wilders zijn proces … vooral aangrijpt om de rechterlijke macht omlaag te trekken.
  • Zijn ‘laatste woord’ in de rechtszaal plus zijn commentaar op zijn veroordeling … waren het sterkste staaltje staatsrechtelijk spelbederf van 2016.
  • Anders dan Wilders toont Bakker dat hij de scheiding der machten serieus neemt.

 

Wat Du Pre, en dus de hele redactie, maar niet wil begrijpen is dat met nepparlement en neprechtbank niet wordt bedoeld dat het héle parlement en iedere rechtszaak àlle tijden alléén maar nep zijn. De beschuldiging van nepparlement betrof het onderwerp van dat moment. Hij deed die uitspraak in de context van een debat over de asielopvang. Kamerleden applaudisseerden toen Pechtold gemeenten bedankte die asielzoekers opnamen. Volgens Wilders ging dat applaus in tegen de wil van miljoenen Nederlanders en hij vond het een nepparlement. Merkwaardig genoeg werd dat opgevat als een veroordeling van het hele parlementaire systeem en werd gemeend dat Wilders dus helemaal geen democraat was, maar eerder een potentiële dictator. Terwijl Wilders eigenlijk zei: Kom op, mede-politici, laten we hier nou eens onze taak op een professionele wijze vervullen. We zijn een parlement dat rekening hoort te houden met de stemverhoudingen, niet alleen in het parlement zelf, maar ook in het land, geen kinderspeeltuin waar we net doen alsof, en ook geen voor-wat-hoort-wat handjeklap markt, en ook geen de-meerderheid-kan-me-de-pot-op bedrijf. Ofwel, hij pleitte voor een serieuzere opvatting van de taak. Zo simpel is het.

En de beschuldiging van neprechtbank betrof het onderwerp van zijn rechtszaak waarvan hij vond dat de rechters er niet eens aan hadden moeten beginnen of anders in elk geval een heel andere uitspraak, namelijk een vrijspraak, hadden moeten doen.

Raoul du Pre en de hele redactie lijken me net even te intelligent om achteraf te kunnen zeggen dat ze al deze uitleg eerst niet eruit hadden begrepen. Nee, er lijkt me geen andere uitleg mogelijk dan dat het kwade opzet is om de vijand Wilders weer eens een dreun op de kaken te geven, in de hoop dat hij op zeker moment eindelijk down for the count zal gaan.

Du Pre vindt dat Wilders zijn neerhalen van de rechtspraak kan rechtzetten: “Als Wilders wil laten zien dat hij de rechtsstaat hoog houdt, zoals hij claimt te doen, spreekt hij vandaag zijn waardering uit voor de ruimte die Bakker hem gunt.” Ik zie niet in waarom Wilders dat zou moeten doen. Immers, hij heeft niet de hele rechtspraak omlaag gehaald. Dat maakten Du Pre en anderen ervan, door hem zo te framen.

Over het bloed aan de handen van Merkel

bloed aan de handen

“Hij heeft bloed aan zijn handen”, kent u die uitdrukking? En weet u wat die uitdrukking betekent? Laat het me even uitleggen voor het geval u twijfelt. Of misschien denkt u dat het gaat om een gevalletje eigenhandig verricht bloedig geweld. Ja, het kàn daarom gaan, maar het kan ook gaan om zware verantwoordelijkheid door het scheppen van omstandigheden die dat bloedige geweld mogelijk maakten.

Het is een sterke, visuele metafoor. In menige demonstratie is van de metafoor gebruik gemaakt. Dan liepen demonstranten met rode verf op de handen of droegen ze een poster van een dictator of president met handen vol bloed. De boodschap was altijd meteen duidelijk: die dictator of president is de hoofdverantwoordelijke voor een aangericht bloedbad. Zelden leidde het gebruik van deze metafoor tot zoveel misbaar als momenteel bij Wilders vanwege zijn tweet. Wat zit daarachter? Het zal toch niet zijn dat mensen echt denken dat Wilders echt denkt dat Merkel echt zelf opdracht tot die aanslag gaf? En zo gek is het toch niet dat Wilders vindt dat Merkel met haar “wir schaffen das” welkombeleid de mogelijkheid van zo’n aanslag op zijn minst sterk vergroot heeft? En zo’n metafoor is dan wel een zeer krachtige manier om dat duidelijk te maken, toch?

Ah, u bent het er niet mee eens dat Merkel door het zo gemakkelijk binnenlaten van al die vluchtelingen de kans op zo’n aanslag vergroot heeft? Immers, ze maakte toch al meteen duidelijk dat terroristjes niet welkom waren?

Vind u dat niet op zijn minst een beetje naïef van uzelf, zo achteraf? Natuuuurlijk bedoelde ze niet dat ook terroristjes welkom waren. Maar er waren ook toen al velen die haar vertelden dat er tussen al die arme vluchtelingen zeker vele jihadi’s zouden zitten. Van die woorden was ze destijds niet onder de indruk, net als u waarschijnlijk. Nee, pas nu zegt ze geschokt te zijn door berichten over meer dan 500 van dit soort jihadi’s onder de asielzoekers, in Duitsland alleen al. Hemeltjelief, denk ik dan, ze staat in Duitsland in het centrum van de macht en ze is nu pas geschokt?? Anderen hadden niet veel meer dan hun onderbuik nodig om destijds reeds te beseffen dat er ook jihadi’s zouden meekomen, maar deze o zo verstandelijke, verstandige, koele, beredenerende natuurkundige, omringd door de top van de geheime diensten en politie, heeft die onderbuik dus niet en dan krijg je dit blijkbaar.

Ja, ze heeft wel degelijk bloed aan haar handen! Er is alle reden om haar per direct uit haar functie te zetten, want ze kan die positie echt niet aan wegens gebrek aan de juiste capaciteiten.

Als Wilders en Pechtold tot een compromis moeten zien te komen

Overton windowErvaren politici en diplomaten zullen vast en zeker vertrouwd zijn met de Door-in-the-face techniek en de Foot-in-the-door techniek. Kom, laten we ze vertalen, want er zijn goede Nederlandse uitdrukkingen voor. Het gaat dus om de deur-in-het-gezicht-dichtslaan techniek en de voet-tussen-de-deur techniek.

Bij de deur-in-het-gezicht-dichtslaan techniek is het de bedoeling iemand zo gek te krijgen ergens mee akkoord te gaan door eerst een voorstel te schetsen dat zo extreem is dat het zal worden afgewezen (als het ware wordt de deur in je gezicht dichtgeslagen) en daarna met het echte voorstel te komen. Dat echte voorstel oogt dan zoveel gematigder dat het een grotere kans maakt te worden geaccepteerd dan wanneer niet eerst dat extreme voorstel was gedaan, zo hoopt men.

Bij de voet-tussen-de-deur techniek is het de bedoeling iemand eerst een voorstel te doen dat heel gemakkelijk geaccepteerd zal worden om daarna het echte voorstel te doen. De hoop is dat de emotionele stap tussen het aanvankelijke en het echte voorstel dusdanig veel kleiner is geworden dat het niet meer als te groot wordt ervaren.

In beide gevallen wordt er gewerkt met een Overton Window, vernoemd naar de bedenker ervan. Stel je een reeks voorstellen voor die lopen van extreem via zeer acceptabel naar extreem. Over die lijst heen projecteren we een raam dat bovenaan en onderaan de problematische voorstellen buitensluit. Stel verder dat het voorstel dat erdoorheen gedrukt moet worden buiten het raam ligt. Dan zijn de hierboven genoemde technieken geschikt om dat doel te bereiken.

Op zijn beurt is het Overton Window ook van belang bij het begrijpen van het ‘argument to moderation’, door de Nederlandse Wikipedia vertaald naar ‘vals compromis’ (echter de Engelstalige wiki-pagina is echt veel beter in de uitleg). “De waarheid zal wel ergens in het midden liggen”, zo luidt een bekend gezegde. Degenen die in dat gezegde geloven, zijn ontvankelijk voor het ‘valse compromis’. Zij menen dat beide tegenover elkaar geponeerde standpunten of beweringen vast wel een zekere waarheidsclaim hebben en veronderstellen dat de echte waarheid dan wel ergens tussen beide in zal liggen. Dat kàn natuurlijk zo zijn en dan is het geen vals compromis. Maar het hoeft niet zo te zijn. Er zijn een paar gevallen denkbaar.

Stel Wim heeft een schuld van 1500 euro.
Stel A1 is de claim dat gedurende 15 maanden 100 euro bezuinigen per maand prima haalbaar moet zijn.
Stel A2 is de claim dat 500 euro ook haalbaar wordt geacht.

Degene die A1 voorstelt zal betogen dat A2 echt asociaal hoog is en degene die A2 voorstelt zal betogen dat A1 echt veel te lang gaat duren.

Uit onderzoek blijkt dat Wim bij 500 euro precies op de armoedegrens uitkomt en dat een termijn van 15 maanden in de ogen van de schuldeisers nog net kan, dan zijn beide voorstellen nog net reëel. Dikke kans dat veel mensen zullen akkoord gaan met een compromis ergens tussen 100 en 500 euro in. Dat lijkt geen vals compromis.

Maar stel dat uit onderzoek blijkt dat 500 euro wel degelijk leidt tot armoede, een fikse armoede zelfs. Claim A1 blijft echter overeind. Zelfs dan zal je zien dat veel mensen een compromis zullen zien zitten. In dat geval is er wèl sprake van een vals compromis. Claim A2 heeft dan namelijk niet gefungeerd als een op zich ware claim, maar slechts als een sluwe manier om ervoor te zorgen dat er sneller wordt afgelost dan claim A1 voorstelde.

Het kan erger. Het gaat in het volgende voorbeeld om het oppikken uit zee van bootmigranten en vervolgens in Italië aan land zetten.

Stel B1 is de claim dat dit handelen een extra aanzuigende werking heeft.
Stel B2 is de claim dat het géén extra aanzuigende werking heeft.

Merk allereerst op dat beide claims elkaar lijken uit te sluiten. Er lijkt er dus maar eentje waar te kunnen zijn. Echter, uit onderzoek zou kunnen blijken dat het bijv. per regio of groep bootmigranten verschilt.

Stel dat politieke leiders het er wel over eens zijn dat op zich een extra aanzuigende werking ongewenst is. Zoals altijd menen zij een compromis te kunnen sluiten: Er zal aan land worden gezet op een eiland ergens tussen Afrika en Europa en daar zal per persoon worden beoordeeld of ze asiel kunnen krijgen.  Merk allereerst op dat het compromis slechts een gedeelte van het handelen blijkt te betreffen.

Dat compromis is een valse als claim B1 de hele waarheid blijkt weer te geven en B2 volledig onwaar is. Het compromis is dan vals omdat claim B2 een rol heeft gespeeld terwijl het nooit had mogen meewegen. Immers, de claim was volstrekt onwaar. Omgekeerd is trouwens ook waar, dus als B1 totaal onwaar bleek en B2 juist de volledige waarheid, dan was het compromis al evenzeer een valse geweest.

Zelfs lijkt dit compromis een valse als uit onderzoek bleek dat de extra aanzuigende werking wel voor sommige regio’s en/of groepen werkt en voor andere niet. Immers, het compromis maakt geen melding over dat aspect en dus zal het worden toegepast op àlle bootmigranten.

Maar goed, compromissen zijn niet alleen bedoeld om de rationeel beste ‘waarheid’ te vinden. Sterker, compromissen zijn eerder bedoeld om de lieve vrede tussen groepen te bewaren. En die lieve vrede zal er zijn zolang de benadeelde partij (dat is de partij die wèl de waarheidsclaim waarmaakte) het valse van het compromis niet beseft. Of misschien beseft die partij het wel, maar accepteert het dat compromis als onderdeel van het diplomatieke en politieke spel, wetende of hopende dat een andere keer het onterechte nadeel de andere kant op zal vallen.

Ervaren politici en diplomaten die het compromis als onderdeel van het spel zien, zullen vast en zeker vooral de deur-in-het-gezicht-dichtslaan techniek bewust toepassen. Slechts zelden wordt dat gezien en begrepen door de burger. Ook kost het veel kennis om het valse in een compromis te herkennen. Wat veel tegenstanders van iemand als Wilders niet zien is dat hij hoog inzet om er bij aanvang van eventuele onderhandelingen goed voor te staan. Idem zal gelden dat iemand als Pechtold juist laag inzet om het bij diezelfde eventuele onderhandelingen Wilders c.s. niet al te gemakkelijk te maken. Beiden zullen het compromis zoeken, zou men denken.

Maar is dat wel zo? Zijn zowel Wilders als Pechtold zich eigenlijk aan het voorbereiden op onderhandelingen? Van Wilders mag dat worden verondersteld. Van Pechtold is bekend dat deze absoluut niet wil gaan samenwerken. Beide blijkt uit dit artikel van eerder dit jaar.

Wat in deze wel heel voornaam is: Wie heeft er vooral gelijk? En wie heeft er vooral ongelijk? Goed onderzoek is nodig. Maar wat is goed onderzoek? We zouden kunnen denken aan een instituut dat onpartijdig is. Maar wat mij betreft mag het ook gedaan worden door partijdige instituten, zolang die partijdigheid maar transparant is. Het is dan verder aan ons allen om straks te kunnen beoordelen of er bij een compromis sprake was van een valse of een redelijke.

Is Gelauff op de hand van Wilders?

 

Bij ‘Dit is de dag’ op Radio 1 was vandaag een debatje tussen Lars Duursma en Marcel Gelauff. Duursma verwijt de NOS afgelopen vrijdag de twitterreactie van Wilders op de uitspraak van de rechter veel teveel onder de aandacht van de bevolking te hebben laten komen. Het nieuws had moeten zijn ‘Rechter veroordeelt Wilders’, maar werd nu, samengevat, ‘Wilders veroordeelt rechter’.

Duursma had eerder geschreven: “Journalist, je bent geen doorgeefluik van Wilders“. NOS-chef Marcel Gelauff bestreed dat hij een doorgeefluik zou zijn, maar hij erkende wel dat, achteraf, toch de uitspraak van de rechter centraal had moeten staan.

Ik luisterde aandachtig en kon me niet aan de indruk onttrekken dat Gelauff niet helemaal eerlijk was. Dit is wat mijn onderbuik zei: Gelauff en zijn redactie hebben een heel speciale, en heel verholen, reden om die twitter-uitspraak zo groot te brengen. Ze beschouwen Wilders als een gevaarlijk soort gek en menen de bevolking voor hem te moeten waarschuwen door dit soort in hun ogen belachelijke tweets zo groot mogelijk te brengen. En ook denken ze zo de scoop te hebben van alweer de volgende schandalige uitspraak van Wilders.

Alleen, ze maken een misrekening, want steeds meer mensen zijn gaan twijfelen aan het beeld van een gevaarlijke gek. Dus inderdaad, dit soort tweets op de voorpagina of op het journaal pakken precies andersom uit dan de redactie denkt. Ga zo door, Marcel, ga zo door. Word vooral niet wakker. Eigenlijk stom van me dat ik dit nu heb verraden aan Gelauff en zijn team.